Niet echt tijd om een bericht te schrijven, dus speel ik even leentjebuur. Een bericht dat ik mocht ontvangen van Hans. Ooit mocht ik daar eens mijn verhaal vertellen en nu zie ik regelmatig leuke berichten opduiken van hun lokale groep ‘op kleine voet’. Vandaag zat dit in de mailbox, past mooi in het mobiliteitsgesprek dat hier bezig is… (en straks neem ik alweer de trein richting Hasselt, voor een eerste Low Impact optreden in een jeugdhuis, nee liften ga ik nu niet proberen) (bedankt Hans!)
Wat doet een mens die zijn bus heeft gemist ? Om te beginnen : Duimen dat de bus vertraging heeft. Reikhalzend uitzien. Hopen, tegen beter weten in. Met mijn duimen staan draaien.
Deprimerende gedachten houden mij onder de duim : Nog drie kwartier wachten op de volgende bus. Dat is veel. En ik had nog zoveel te doen. En ik sta hier langs die drukke steenweg. Gezellig is anders. Niet eens een bushokje. Wat ga ik nu uit mijn duim zuigen ?
De eerste stap is de moeilijkste. Weg van het oorspronkelijk plan. Weg van de veilige bushalte. Daar stopt tenminste nog een bus. Stap stap stap. Ik ben toch al in beweging. Het heft in eigen handen. Stap stap. Auto’s rijden mij rakelings voorbij. Moet ik niet links van de baan lopen ?
Ineens word ik twintig jaar jonger. Ik zie mijzelf terug liften tussen Geraardsbergen en Gent. Het geld voor de trein spaarde ik voor wat anders. Zou ik ? Wordt dat nog gedaan ?
De eerste twintig auto’s rijden mijn uitstalraam voorbij. Mijn vriendelijke glimlach suggereert nochtans betrouwbaarheid en mijn achteruitwandelen gehaastheid. Ik merk dat velen een stuk over de middellijn gaan rijden om mijn uitgestoken duim te ontwijken. Ook heel wat verontschuldigende gebarentaal, dat is wel fijn.
Een lichtblauwe Opel Corsa. Sorry voor de rommel zegt hij. Op de passagierszetel liggen schroevendraaiers en een hamer. Achteraan nog klusgerief. ‘Vruuger’ heeft hij ook nog ‘veul ottostop’ gedaan. Nen Brusseleir in de Vlaamse Ardennen op weg om zijn huurders te bezoeken. Zonder waarschuwing draait hij een klein baantje in, weg van de steenweg, en dan nog een kleiner, doodlopend. Opeens bekruipt mij een ongemakkelijk gevoel. Even later sta ik opgelucht te kijken naar overhangende boomtakken die op electriciteitsdraden rusten. ‘Mijn huurder weet niet aan wie hij het moet melden’ verklaart hij.
Een glimmende zwarte Audi. Sorry voor de rommel zegt zij en legt een verzameling kinderprulletjes op de achterbank. Ook wat aan de ruiten kleeft en wat aan mijn voeten ligt hoort bij een gezin met jonge kinderen. Vorig jaar zijn ze uit Gent naar Parike komen wonen. In een huis met een grote tuin temidden van de koeien. Zoveel fijner voor de kinderen om hier op te groeien. Werken doen ze nog steeds in Gent. Tot aan de kerk van Parike ? Fijn, dankuwel.
Een grijze peugot. Sorry voor de rommel zegt hij en legt een stapel papieren op de achterbank. Een leraar uit Geraardsbergen, geeft al vijftien jaar les in Oudenaarde. Eerst tien jaar ‘in de privé’ gewerkt. Bij goed weer gaat hij ook wel eens met de fiets gaan werken. 50min langs de kleine baantjes. “Met de racefiets”, verklaart hij glimmend. Hij kijkt geamuseerd opzij als ik hem vertel dat ik net ook met een lerarenopleiding ben gestart. “Module één ?” Wie weet worden we nog collega’s. Hij zet mij af op enkele meters van de bushalte waar ik gewoonlijk afstap.
Van toeval gesproken.
men zegge het voort
groetjes,
Hans
Gearchiveerd onder: Mobiliteit | getagged: liften | 12 Commentaar »
