het plan Vromman


Laat ik beginnen met een verslagje van het bezoek aan de Open-Vld vrouwen van zondag. Het evenement ging door in een van oude forten in Hoboken. Een schone doening, waar ik al even moest onderhandelen om mijn plooi-fiets binnen te mogen nemen. (mijn doorslaand argument in zo’n gevallen is dat het didactisch materiaal is) Maar ik werd hartelijk verwelkomd en kreeg meteen een glas champagne in de hand gestopt. Het duurde  even voor het publiek de weg had gevonden, maar om 11 uur kon ik van start gaan.

Wat meteen opviel; er zitten behoorlijk wat mannen bij de Open-Vld vrouwen!  Moeten ze niet stilaan met quota gaan werken? Ik ben mijn verhaal gestart met de stand van zaken in de wereld en een aanval op groei en consumentisme. Wat meteen zorgde voor interessante vragen en opmerkingen. In de loop van het gesprek werden een aantal zaken duidelijk:

  • ook bij de liberale partij zijn heel wat mensen zich bewust van de ecologische limieten die we stilaan aan het bereiken/overschrijden zijn.
  • er is wil om dingen te doen, maar het is niet altijd makkelijk. Zo wou Ann Brusseel (Vlaams parlement) iets doen rond de castratie van biggetjes, maar is ze door partijgenoten teruggefloten.
  • zo vinden (sommige) mensen binnen Open-Vld dat bedrijven een grote verantwoordelijkheid hebben en misschien wel eens wat beter aan banden moeten gelegd worden. (regulering dus!)
  • ideeën rond vergroening van fiscaliteit en internaliseren van milieukosten worden in de liberale familie zeker gesteund
  • een duidelijke erkenning van het feit dat politici te weinig moed tonen om de kiezers duidelijk te maken dat het feestje niet kan blijven duren

Wat minder instemming was er bij mijn pleidooi voor sufficiëntie en mijn reserves bij de technologie als oplossing voor alle problemen. Het was in elk geval een boeiend gesprek met soms gelijke en soms verschillende meningen. In het nawoord gaf  Willem-Frederik Schiltz aan dat hij een aantal van mijn punten liever wat pragmatisch wil bekijken, maar ik denk dat het zeker geen dovemansgesprek was. Bij de receptie achteraf (met jammer genoeg nauwelijks een vegetarisch hapje) kreeg ik veel positieve reacties. Een dame kwam me vertellen dat ik hun een spiegel heb voorgehouden. Enja, in de spiegel kijken kan wel eens confronterend zijn.

Aangezien ik de voorbije jaren nu toch al redelijk wat politici heb gezien is er een plannetje in mijn hoofd opgedoken. Want wat merk ik, in elke partij zitten echt wel mensen die de ecologische problemen erkennen en zich daarvoor willen engageren. Bij Open-Vld zijn hoort ook Patricia Ceyens daar bij – ze is zich nu aan het inzetten rond het ontwikkelen van het energiefietsverhaal. Bij een lezing in Zottegem was Matthias Diependaele (NV-A) een geïnteresseerde luisteraar. Binnen SP-A heb ik contacten met mensen als Bart Martens en Ann Vande Steen. Bij Groen ken ik natuurlijk ook wel wat verkozenen zoals Filip Watteeuw of Kristof Calvo. Wat CDenV betreft heb ik wel eens in de zetel van Van Tilt gezeten met Hilde Crevits, en Sabine Poleyn ken ik nog uit een vorig leven. Ondanks de goede wil bij een aantal mandatarissen gaat het lange termijn denken (of beter nog het transitiedenken) verloren in de partijpolitieke arena.

Stel nu dat het lukt om met die mensen (en andere politici) samen over de partijgrenzen heen een soort charter uit te werken. Een eenvoudige verklaring met enkele principes. Bijvoorbeeld dat ze kiezen om in politieke beslissingen steeds de lange termijn gevolgen te bekijken. Dat de belangen van de komende generaties worden erkend. Dat ze erkennen dat er grenzen zijn aan ons planeet. Dat erkend wordt dat het huidige partijpolitieke spel het soms moeilijk maakt de juiste keuzes te maken voor mens en milieu. Dat ze in hun eigen werk en campagne de milieu-impact willen verkleinen. Dat soort dingen. En misschien kunnen daaruit ook enkele specifieke voorstellen komen. Bijvoorbeeld om het thema van eiwit-transitie op de politieke agenda te zetten. Of om het openbaar vervoer op lange afstanden concurrentieel te maken ten opzicht van vliegen.

Stel dat er zo’n groep parlementairen over de partijgrenzen gaat samenwerken rond dergelijke thema’s. En dat als verkiezingen komen we (verenigingen, individuen, groepen,…) zware campagne voeren, niet voor een specifieke partij maar voor deze kandidaten. Zodat in een volgend parlement deze groep sterker wordt.

Ok, wellicht een beetje naïef of misschien zelfs ronduit onhaalbaar. Maar stel dat we daar een mooie naam voor vinden. (ik dacht bvb. aan ‘Gaia-groep’, is in elk geval beter dan het ‘plan Vromman’.  En deze Gaia-kandidaten engageren zich, worden door de burgers gesteund en gecontroleerd. Hebben we dan niet een manier om de impasse te doorbreken? Om de ecologische en mondiale thema’s op de agenda te krijgen?

Misschien heb ik wat teveel in de zon gelopen. Maar ik wil het plan alvast eens voorleggen aan mijn trouwe bloglezers. Suggesties, steunbetuigingen en ontoerekeningsvatbaarheidsverklaringen welkom!

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 3.733 other followers