de groene zaag


telefoonconferentieGisteren weer iets nieuw meegemaakt; een telefoonconferentie van de raad van bestuur van Digipolis met een groep mensen in Antwerpen en een groep in Gent. Via een camera, een scherm en microfoons kan je dan gezamenlijk vergaderen.

Wellicht waren mijn verwachtingen wat te hoog gespannen, want uiteindelijk zie je op een scherm een aantal onderbelichte figuren die af en toe het woord nemen. In mijn ervaring gaat op afstand vergaderen evengoed met Skype. Maar goed, dit heb ik dan ook eens meegemaakt.

Ik moet eerlijk toegeven dat mij bijdrage aan deze vergadering bescheiden was. De enige vraag die me te binnen schoot was om naar aanleiding van een aantal bestekken voor hardware eens te polsen of er ook duurzame criteria zijn opgenomen. Criteria die te maken hebben met arbeidsomstandigheden, het gebruik van kritische grondstoffen en de milieu-impact van de productie. Het antwoord was een beetje vaag, er zijn wel ergens criteria maar we zullen dit eens opzoeken en doorspelen. Dus binnenkort krijg ik hierover concretere info.

Een andere kwestie waar ik een vraag over stelde in de commissie Milieu ging over een geplande waterkrachtturbine aan de Sint-Jorissluis in Gent. Een project waar Ecopower al in 2004 geleden een vergunning voor kreeg, maar steeds is uitgesteld door procedures en bijkomende eisen van Waterwegen en Zeekanaal. Nu eindelijk de problemen rond de vismigratie zijn opgelost blijkt dat Vlaanderen geen groenestroomcertificaten meer geeft voor kleinschalige waterkracht projecten. Met als gevolg dat het project voor Ecopower niet meer rendabel is en wellicht wordt afgevoerd.

Als dat de snelheid is waarmee overheden reageren op nieuwe uitdagingen dan zijn we nog niet aan de nieuwe patatjes. En stilaan begin ik te beseffen dat dit het lot is van de lokale politicus. Kwesties aankaarten en voorstellen doen en heel af en toe merken dat er een stapje vooruit wordt gezet. Maar ik blijf rustig verder doen natuurlijk.

PS: morgen kan je hier weer een nieuwigheid ontdekken, ik doe namelijk mee met een ‘blogtournee’.

leuke dingen voor de mensen (en de wereld)


Goed nieuws; het gaat steeds beter met de Community Supported Agriculture én de media tonen aandacht voor deze interessante manier van voedselproductie. Deze mooie reportage op Koppen toont de vele voordelen van landbouw die gedragen wordt door lokale gemeenschappen. Het verhaal van het ex-model dat een serieuze carrière shift maakt naar boerin zal wellicht ideeën oproepen bij bedenkers van het programma boer zkt vrouw. Op deze site kan je meer lezen over de bestaande projecten. Als we dit soort landbouw willen ondersteunen kunnen we er maar beter klant van worden.

Nog goed nieuws voor de voedselteams, de schepen van Facility Management (gebouwen dus) van de stad Gent engageert zich om samen met haar collega’s op zoek te gaan naar bijkomende plaatsen om depots voor voedselteams te organiseren. Er zijn wel al 17 teams actief die ongeveer 550 gezinnen bedienen, maar er is tevens een wachtlijst van ruim 130 mensen die in het netwerk willen stappen. Het vinden van een geschikt depot is meestal het grote probleem, daarom heb ik gevraagd om daar werk te maken. Er zijn heel veel gebouwen van de stad, de scholen, OCMW en anderen die niet continu gebruikt worden. Het voedselteam van het Rabot neemt trouwens zijn intrek in de Kerk. Voedselteam leden zullen misschien nog blij verrast worden als ze 2 broden en 5 vissen vinden in hun voedselpakket!

giveboxjeDat goede ideeën snel hun weg vinden is hier ook te merken aan de introductie van de eerste Give-boxen en ‘ruil-je-boek-kast’ in Gent. Vanuit de buurtwerking zorgen deze initiatieven ervoor dat mensen en spullen elkaar vinden en tegelijk het milieu wat sparen.

De ‘give box’ van de Bloemekenswijk vindt men elke woensdag op de stoep van het buurtcentrum, Frans Van Ryhovelaan 119. De ‘give box’ van de wijk Sluizeken-Tolhuis-Ham staat in Buurtcentrum ’t Sluizeken, Godshuishammeke 20. Men kan er elke werkdag van 9 tot 12 uur terecht of tijdens activiteiten.  De ‘ruil-je-boek-kast’ van de Rooigemwijk vindt men vanaf vrijdag 28 juni 2013 in Buurtcentrum Rooigem, Linnenstraat 27.

Om de goede flow nog te versterken, een oproep om meteen ook te zorgen voor een beetje meer bos in Vlaanderen. BOS+ is op zoek naar stemmen, veel stemmen. Want per 5.000 stemmen krijgen ze 5.000 euro voor onze bossen. BOS+ wil bossen een duwtje in de rug geven: bomen planten, struikranden aanleggen of poelen herstellen. Alles voor de biodiversiteit in ons bos. Maar daarvoor hebben we hulp nodig. Surf daarom naar www.evoto.be en stem op BOS+. Per stem krijgt BOS+ 1 euro voor het project Business 4 Bos. Waarvoor heel erg bedankt!

aan de grote klok


Ik heb het eerder al gemeld, als burger (met veel tijd) kan je alle vergaderingen die we in de gemeenteraad of de commissies houden achteraf opnieuw beluisteren. Daarnaast wordt van de vergaderingen een verslag gemaakt. En soms is zo’n verslag behoorlijk gedetailleerd. Neem onderstaand fragment uit het verslag van de commissie van 16 april, waar het nieuwe reglement rond herbruikbare luiers aan bod is gekomen.

9. Stedelijk subsidiereglement voor de aankoop van herbruikbare luiers. — Goedkeuring (2013_GR_00511)

Raadslid Steven Vromman wijst er als ervaringsdeskundige op dat het reglement zegt dat ‘luiers die voor verschillende kinderen binnen hetzelfde gezin gebruikt worden, worden niet als tweedehandsluiers beschouwd’ en wijst erop dat gezien de soms ingewikkelde moderne gezinssamenstellingen hier  misschien meer duiding nodig is.

Schepen Tine Heyse geeft toe dat er misschien wat uitleg bij tweedehands kan en dat dit nog eens goed bekeken moet worden en dit misschien op een eenvoudiger manier omschreven kan worden.

Voorzitter Riebbels vraagt of de heer Vromman zelf een suggestie heeft als ervaringsdeskundige.

Raadslid Vromman bekent geen ervaringsdeskundige te zijn in ingewikkelde gezinnen.

 Afspraak. De bepaling ivm gezinnen en tweedehands luiers wordt nader bekeken.

klokgentHet hoeft dus niet altijd saai te zijn. Zo hebben we gisteren een uitgebreide discussie gehad op de commissie cultuur over het feit dat bij de voorbije 1 mei festiviteiten ‘de internationale’ is gespeeld door de stadsbeiaardier.

Zowel NV-A als het Belang hadden toch vragen over het politiek karakter hiervan en of het wel gepast is zo’n lied te spelen op kosten van de stad. Wat dan weer aanleiding gaf tot boeiende kwesties over welke liederen dan al of niet vertolkt zouden kunnen en mogen worden. Ongetwijfeld een thema waar vele Gentenaars wakker van liggen (let op de woordspeling).

Op de banken van Groen vroegen we ons meteen af welk lied wij dan wel eens willen laten spelen op die beiaard. Misschien ‘laat ons een bloem’ van Louis Neefs, of ‘vluchten kan niet meer ‘ van Frans Halsema. Of misschien toch ‘Its not easy being Green‘ door Kermit de kikker.

saai stukje over belangrijke kwesties


Finico, Imewo, TMVW, Westlede, Ivago, Digipolis enVeneco². Dat waren de punten gisteren op de commissie ‘verzelfstandiging’. Ik moet toegeven dat ik bij voordien ook niet precies wist waarover het allemaal zou gaan, maar beste lezer, het gaat om een aantal intercommunales waar de stad Gent in participeert.

Op de commissievergadering kwamen de bazen (natuurlijk allemaal mannen) toelichting geven bij de resultaten en plannen van hun respectievelijke bedrijf. Het leek bij momenten wel een aandeelhoudersvergadering met ingewikkelde slides en cijfers met veel nullen, vreemde afkortingen en Engelse termen zoals free float en return on investment. 

Intercommunales zijn ooit opgericht omdat lokale overheden (steden en gemeentes dus) merkten dat het soms handiger is om een aantal taken zoals afvalverwerking of watervoorziening gezamenlijk aan te pakken.  Sommige van die intercommunales zijn zeer grote bedrijven geworden, en er bestaan een ingewikkelde wetgeving om dit allemaal te regelen.  Gent is onder andere aandeelhouder bij Westlede , een intercommunale die in opdracht van een aantal gemeentes enkele crematoria beheert, Digipolis is een informatica bedrijf dat alle ICT diensten van de steden Antwerpen en Gent voor zijn rekening neemt. Veneco verzorgt voor een hele reeks gemeentes diensten rond ruimtelijke ordening en economische ontwikkeling. TMVW is de water intercommunale in Ivago staat in voor afvalophaling en verwerking in Gent en Destelbergen. Belangrijk is ook Imewo, een distributienetbeheerder voor energie.

oloIk moet wat voorzichtig zijn om me hierover uit te spreken, want ik heb me niet verdiept in het kluwen van aandeelhouders en belangen die hierbij betrokken zijn. Toch ben ik wat op mijn hoede als ik zie hoe ook Electrabel betrokken is bij Imewo en hoe Finiwo investeert in projecten van grote multinationals.

Steden halen inkomsten uit deze intercommunales en zijn hier afhankelijk van internationale evoluties op grondstoffen en financiële markten. Zo krijgt de stad Gent dit jaar geen divident van Electrabel Customer Services omdat de OLO (rente op overheidsobligaties) sterk is gezakt en heel wat klanten Electrabel de rug hebben toegekeerd. Is het gezond dat gemeentelijke inkomsten van dergelijke zaken afhankelijk zijn? En hoever zijn we hier verwijderd van het casinokapitalisme?

Ik kon dus niet altijd volgen, maar ik merk dat het over organisaties gaat met veel geld en macht, en ik ben er niet zo zeker van dat dit altijd in functie is van het algemeen belang. Het lijkt me ook niet simpel om dit allemaal uit te zoeken en te doorgronden, al hoop ik alvast over de energie-intercommunales wat info te vinden in het nieuwe boek van Tom De Meester dat ik net aan het lezen ben.

Ik ga niet beloven dat ik deze dossiers nu op de voet ga volgen, maar af en toe een kritische vraag stellen, dat wil ik toch blijven doen.

hoeveel is genoeg?


hoeveelisgenoegEen van de betere boeken die ik recent heb gelezen is ‘Hoeveel is genoeg’ van Robert en Edward Skidelsky. Het boek gaat over de vraag “wat hebben we nodig om goed te leven” en maakt duidelijk dat het huidige model van competitie, concurrentie en groei een heilloze weg is die ons helemaal niet gelukkiger maakt.

De twee auteurs (vader en zoon), beginnen hun verhaal bij Keynes die in de jaren 30 voorspelde dat we binnen de eeuw – nu dus ongeveer – niet meer dan vijftien uur zouden moeten werken dankzij verdere productiviteitswinst én het bereikt hebben van alle essentiële behoeften. Wat Keynes niet had voorzien is dat we blijkbaar nooit genoeg hebben en dus maar blijven werken om overbodige spullen te kopen.

Volgens de Skidelsky’s heeft dit te maken met een trekje van de mens zelf (op zoek gaan naar status en bezit) dat echter door het kapitalistische model sterk is uitvergroot, waardoor alle andere waarden zowat naar de achtergrond zijn verdwenen. Het is een analyse die je meer en meer hoort, onder andere bij Sedlacek,  Achterhuis en Verhaeghe.

In het boek wordt redelijk kritisch geschreven over de klimaatactivisten die de grenzen aan de groei (en de CO2 uitstoot) aangrijpen om economische groei in vraag te stellen. Uiteindelijk stellen ze, moeten we niet kiezen voor genoeg omwille van een wetenschappelijke noodzaak, maar omwille van ethische redenen. Want stel dat er toch plots een manier gevonden wordt om CO2 makkelijk te verwijderen, zullen we dan weer door gaan met produceren en consumeren? Daarom pleiten ze voor het aanpassen van het typische ‘milieubewustzijn’ tot ‘goedlevenmilieubewustzijn’. Een handig woord is het niet, maar wel  een interessante denkpiste.

In het boek proberen ze ook aan te geven wat nu de ‘basisgoederen’ zijn die je nodig hebt om te kunnen spreken van een goed leven. De vertaling is een beetje ongelukkig, maar ik gebruik de termen uit het boek. Dit zijn ze:

  • gezondheid (niet alleen lichamelijk, maar ook vrij van stress en welvaartziektes)
  • geborgenheid (daarmee bedoelen ze vooral omschrijven als zinvol werk)
  • persoonlijkheid (vrijheid om bijvoorbeeld je eigen huis te bezitten)
  • harmonie met de natuur
  • vriendschap
  • echte vrije tijd

Je kan het evengoed met andere termen formuleren, maar wat zeker duidelijk is, je hebt geen grote ecologische voetafdruk nodig om goed te kunnen leven. Er zitten trouwens ook wat suggesties in over hoe de overheid de voorwaarden hiervoor zou kunnen voorzien. Een interessant boek om cadeau te doen aan collega’s of vrienden die blijven zweren bij materiële groei als enige manier om vooruit te komen.

een lange slechte weg voor de boeg


Ik heb hier enkele weken geleden geschreven over Jorgen Randers en zijn boek ‘2052’. Dank zij een lange treinrit heen en terug van Gent naar Genk heb ik het boek nu helemaal uitgelezen en wil ik daar toch wel en ander over kwijt.

Het boek biedt een grondige studie van wat volgens Randers het meest waarschijnlijke pad is dat de mensheid zal kiezen de volgende 40 jaar. Hij doet dit met de nodige omzichtigheid én met zo veel mogelijk op modellen gebaseerde inschattingen. Hij combineert een hele reeks factoren (bevolking, energie, klimaat, economische groei, voedselproductie, …) en bekijkt hoe deze zullen evolueren en elkaar beïnvloeden. In tegenstelling tot het befaamde boek ‘grenzen aan de groei’ waar verschillende scenario’s worden voorgesteld probeert Randers hier tot één voorspelling te komen.

Vooreerst het goede nieuws. Volgens Randers stevenen we niet echt af op een totale ineenstorting. De bevolkingsgroei zal minder groot zijn dan wat we nu denken. Hij verwacht een piek van 8,1 miljard rond 2040 waarna de wereldbevolking stilaan zal dalen. Er zal globaal gezien nog economische groei zijn, maar veel minder dan de 3,5% die er gemiddeld was in de periode 1970 tot 2010. De voedselproductie zal toereikend blijven, al blijft het voedsel zeer ongelijk verdeeld. Randers ondersteunt de stelling dat de conventionele olie op zijn piek zit, maar wijst erop dat de gevolgen zullen meevallen omdat er steeds meer onconventionele fossiele brandstoffen zullen gebruikt worden (samen met meer hernieuwbare energie). En dit maakt dan weer dat we wellicht rond 2050 de drempel van de 450 ppm CO2-equivalenten zullen bereikt hebben. Wat wil zeggen dat de gemiddelde opwarming van 2° rond die tijd zal bereikt zijn. Ondertussen ben ik blijkbaar bij het slechte nieuws beland.

wegslechtestaatHoe ziet de wereld er dan uit in 2052? Nog steeds zowat 3 miljard mensen zullen leven in armoede en ellende, het vraagstuk van de ongelijkheid zal nauwelijks zijn aangepakt. Er ontstaat wel een nieuwe groep van bijna 4 miljard (China en een tiental andere groeilanden) waar de levensstandaard flink is opgekrikt. De miljard mensen die nu in de rijke geïndustrialiseerde landen leven zullen er de  niet  meteen op vooruitgaan.  Randers gaat er van uit de volgende veertig jaar de inkomens en de koopkracht bij ons niet zullen stijgen, eerder zelfs verminderen.  Ook al omdat  steeds meer geld zal nodig zijn om de gevolgen van klimaatverandering aan te pakken en de overschakeling naar hernieuwbare energie te realiseren.

In het boek klinkt flink wat teleurstelling omdat er voor alle problemen oplossingen voorhanden zijn, maar de mensheid er niet zal in slagen de daadkracht te tonen om ze ook te implementeren. Dit omdat zowel de politiek als het economisch model in teken staan van korte-termijn denken. Met als gevolg dat er een serieus risico is dat de tweede helft van deze eeuw nog een pak dramatischer wordt als de feedback mechanismen in de klimaatverandering beginnen te spelen. Hoewel dit volgens Randers kantje boord zal zijn,  want de CO2 uitstoot zal wel dalen maar pas vanaf 2030 en trager dan zou moeten.  Kortom geen ineenstorting, maar een eeuw met veel schokken en ellende.

In laatste stuk heeft hij nog wat advies over hoe we nu kunnen omgaan met deze te verwachten toekomst. Maar dit hou ik voor morgen.

postjes pakken?


Gisterenavond hebben we op de gemeenteraad een hele reeks mandaten goedgekeurd. Het gaat over de zogenaamde ‘postjes’ die horen bij de politieke stiel. Als kersvers verkozene zie ik het dan ook als mijn plicht om eens uit te doeken te doen hoe dit nu allemaal in elkaar zit. (een beetje saai allemaal, maar transparantie is niet altijd onderhoudend)

In een grote stad als Gent zijn er ontelbare organisaties actief die nauw samenwerken met de stad of geheel of gedeeltelijk afhankelijk zijn van subsidie van de stad. Deze organisaties hebben allen hun algemene vergadering en raad van bestuur of commissies. Het is logisch dat de stad mee de richting kan bepalen van pakweg Max Mobiel of de sociale huisvestingsmaatschappijen, want ze zijn essentieel voor het uitvoeren van het beleid.

Daarom is er voorzien dat er in die raden van bestuur een aantal zitjes zijn voor vertegenwoordigers van het stadsbestuur, de raadsleden dus. Het is dan ook een traditie dat na elke verkiezing de hele lijst van mandaten wordt bekeken en terug herverdeeld, op basis van de uitslag. Iets waar nu ook Groen bij betrokken wordt.  Ik heb de volledige lijst bekeken en het gaat om maar liefst 470 zitjes in 258 organen van in totaal 81 organisaties. Daar zitten culturele instellingen bij zoals het SMAK of NTGent, er zijn intercommunales zoals Ivago of TMVW, er zijn de sociale huisvestingsmaatschappijen, enkele (hoge)scholen, vzw’s die bezig zijn met sport en toerisme, het stadsontwikkelingsbedrijf, het havenbedrijf, en zelfs de Gentse Wijnmetersgilde.

Die laatste is echter niet zo representatief, want als ik de lijst bekijk gaat het toch vooral over organisaties die mee bepalend zijn voor het stadsleven. Dus dat de overheid  mee het stedelijk ziekenhuis of de Topsporthal gaat beheren is niet zo gek, het gaat tenslotte om gemeenschapsgeld. Om redenen die mij niet altijd duidelijk zijn het vooral de gemeenteraadsleden die de zitjes gaan opvullen. Waarbij het wel eens zal gebeuren dat er meer zitjes dan nodig zijn gecreëerd om de politieke evenwichten te respecteren. De lijst en het aantal zitjes wat uitdunnen zou ik persoonlijk geen slecht idee vinden. Maar dit zijn nu regels van het spel, en die kan je niet zomaar veranderen natuurlijk.

Met de Groen fractie hebben samen de een lijst van 103 zitjes bekeken en afgesproken wie best geplaatst is om een mandaat op te nemen. Soms moeten het schepenen zijn, meestal gemeenteraadsleden en af en toe kan het ook iemand zijn die niet verkozen is. Ik heb al eerder gesproken over de plaatsen die ik zal innemen. Ik denk dat als alles rond is deze lijsten ook door de stad zelf worden gepubliceerd.

En dan is er nog de kwestie van de zitpenningen. Voor sommige raden van bestuur of vergaderingen is een zitpenning voorzien. Het gaar over maximum 1 derde van de mandaten (vooral de intercommunales).  Dit wordt gezien als een compensatie zien voor de grote tijdsinvestering die erbij hoort. Persoonlijk vind ik dit niet nodig, vooral omdat dit de perceptie van zakkenvullers alleen maar groter maakt. Ik weet nog niet over welke bedragen het gaat en misschien vind ik binnen twee jaar wél dat zo’n vergoeding best te verdedigen valt.

Ik heb tot hiertoe 1 algemene vergadering meegemaakt (voor het diner achteraf heb ik me verontschuldigd) en woensdag is er een raad van bestuur (waar ik weer ga passen voor de maaltijd achteraf). Ik zal hier in elk geval nauwgezet verslag uitbrengen van de vergoedingen die ik hiervoor krijg en of er al dan niet tonijn wordt geserveerd op de eventuele recepties.

de Titanic is niet te redden


Cyprus is gered, zo begon het nieuws vandaag. Tja, ik vermoed dat veel Cyprioten toch met een heel ander gevoel zullen wakker worden. De ‘oplossing’ houdt in dat het land zwaar zal moeten besparen, dat het vertrouwen van de burgers in de banken helemaal is verdwenen en dat er een nieuwe privatiseringsgolf wordt opgestart. Voor jonge mensen is – net als in Spanje, Griekenland, Italië en Portugal – bitter weinig reden voor vreugde om deze redding. Net zoals hier trouwens de jongeren het grootste slachtoffer zijn van een crisis die we nu pas beginnen te voelen. Volgens econoom Ivan Van de Cloot zullen we hier nog minstens 7 jaar crisis kennen.

Het blijft dan ook wat zielig te lezen hoe onze politici ons maar blijven zeggen dat ze goed bezig zijn, dat ze de problemen onder controle hebben, dat er licht is aan het einde van de tunnel. Op Europees vlak is het nu afwachten tot de volgende crisis, die dan wellicht net als deze en de vorige met veel moeite net op het nippertje zal worden opgelost. Tot er eens eentje komt die we niet opgelost krijgen. Dit is geen doemdenken, maar gewoon het inherente gevolg van het financieel model dat we nu hebben. Wie dit grondig wil bestuderen raad ik van harte het boek aan ‘geld en duurzaamheid’ van Bernard Lietaer.

En dan heb het nog enkel over de financiële crisis in Europa, wie een globale blik wil over de evoluties op wereldvlak kan ik ’2052′ aanraden van Jorgen Randers. Het is een van de co-auteurs van ‘limits to growth’ van de Club van Rome, en hij vroeg zich af wat we kunnen verwachten de volgende 40 jaar. Een verslag van zijn lezing kan je bekijken op de site van De Wereld Morgen, of je kan hier een samenvatting van zijn standpunten bekijken. (van minuut 4 tot minuut 25)

Maar beste lezer, hoe meer slechte vooruitzichten, hoe meer initiatieven van onderuit opduiken die toch het verschil maken. Ik ben dan ook erg blij dat nauwelijks een dag na de lancering bijna 2 500 mensen zich hebben opgegeven als coöperant voor de nieuwe bank NewB. Ik hoop dat er snel 10 000 zullen zijn (en meer), en we zo tonen dat we niet meer wachten op politici en bankiers om het systeem te veranderen, maar dat we zelf nieuwe systemen ontwerpen en opstarten. Dat de Titanic ten onder zal gaan is al langer duidelijk, en het is goed om te zien dat meer en meer mensen hun energie gebruiken om reddingsboten te bouwen.

de melkbrigade


Gisteren een behoorlijk pittige discussie in de commissie Milieu over… melk. Collega Goossens (CD&V) wist te melden dat er een probleem was bij 2 boeren uit het Gentse die een brief hadden kregen van Campina waarin ze te horen kregen dat hun melk niet meer zal worden opgehaald omdat het bedrijf overschakelt op vrachtwagens met oplegger van 44 ton, en de weg naar de boerderij daarvoor niet geschikt is. De weg heeft een verzakking en is te smal. Dus vroeg meneer Goossens wat de stad gaat doen om te vermijden dat deze boeren worden gebroodroofd.

Een op zich misschien redelijk onschuldige vraag, maar let op de veronderstellingen die erin verborgen zitten. 1. het is normaal dat Campina met steeds grotere vrachtwagens rijdt 2. het is normaal dat de stad dan maar investeert in brede wegen om deze multinational ter wille te zijn.

Ik kon het dan niet laten om te vragen of meneer Goossens zijn punt ook wou maken bij de vrienden van de Boerenbond, die zich misschien wel de verdediger van de familiale landbouw noemen maar tegelijk mee de motor zijn van de tendens van schaalvergroting in de landbouw. Hun lobbymachine is toch sterk genoeg om Campina te vragen een iets kleiner model vrachtwagen te gebruiken?

Schepen Heyse en Watteeuw antwoordden dat de vraag over de weg al eerder was gesteld op een andere commissie en het niet evident is dat de stad zich moet aanpassen aan eenzijdige eisen van Campina. Verder stelden ze ook dat de verzakkingen precies het gevolg zijn van steeds zwaardere vrachtwagens op de landelijke wegen. Er zijn trouwens heel wat wegen en fietspaden die dringend hersteld moeten worden.

campinaToen begon meneer Goossens te citeren uit een brief van Campina waaruit blijkt dat ze ook vinden dat er teveel bomen langs de weg staan waarvan de takken de oplegger kunnen beschadigen, dat er teveel auto’s geparkeerd staan en dat er een bocht moeilijk te nemen is. Samengevat, eigenlijk zou Campina liefst alle bomen langs wegen omhakken, een algemeen parkeerverbod invoeren en alle bochten rechttrekken. En de kosten daarvan zijn uiteraard voor de overheid.

Uiteindelijk is dit een illustratie van twee verschillende visies. De ene visie (ook onderschreven door collega Bracke die stelde dat de grotere vrachtwagens niet het probleem zijn, en dat we ons daaraan moeten aanpassen) gaat ervan uit dat alles moet wijken voor groei en economische belangen. De andere visie die stelt dat er grenzen zijn aan de groei en er ook sociale en ecologische belangen spelen. Het zou wel eens kunnen dat deze boeren er beter aan toe zijn als ze via de korte keten hun melk afzetten in plaats van steeds meer onder druk gezet te worden door de eisen van de machtige spelers.

over wapens en tomaten


Deze week staat voor mij grotendeels in teken van het politieke werk, met achtereenvolgens een overlegvergadering met de Sp-a, de commissie algemene zaken, een Groen-fractie vergadering, de algemene vergadering van het Festival van Vlaanderen, de commissie milieu en welzijn, een overlegcommissie over de missie en visie van de stad en om af de ronden zaterdag een hele dag politieke raad van Groen in Brussel.

Natuurlijk moeten die vergaderingen wel voorbereid worden (er zijn steeds de nodige agenda’s en documenten door te nemen), en heb ik nog een lijstje van een aantal ideeën en vragen van burgers en organisaties die ik wil opvolgen. Het begint me stilaan duidelijk te worden wat er allemaal komt kijken bij een lokaal mandaat. In die zin is de reeks ‘met man en macht’ niet helemaal waarheidsgetrouw, in plaats van het vergaderen zijn ze vooral bezig met intriges op relationeel en politiek vlak. En daar heb ik nog niet veel van gemerkt hier in Gent. In Ranzegem rijden de politici wel allemaal in mooie auto’s, autodelen zoals de Groene schepenen zit er blijkbaar niet in.

Op de vergaderingen van de volgende dagen komen weer heel diverse punten aan bod. Bij aankoopdossiers probeer ik regelmatig eens tussen te komen om te wijzen op het belang van milieucriteria en ecologische alternatieven. Of ik dit vanavond ook zal doen bij de bespreking van de aankoop van ‘2 less lethal launcher wapens van het type FN 303 en 6000 patronen‘ voor de politie is wat anders. Het doel van het wapen is ‘het onmiddellijk stoppen van een agressor die de fysieke integriteit van zichzelf of een derde ernstig in gevaar dreigt te brengen zonder hem evenveel levensgevaarlijk te verwonden’. Persoonlijk heb ik niet zo voor wapens, maar ik kan me voorstellen dat zoiets in uitzonderlijke gevallen misschien nodig is. In het bestek staat onder andere dat ‘de lichtversterkingsbron moet bestaan uit standaard AA of AAA batterijen, geen speciale batterijmodellen’. Maar vanavond pleiten om herlaadbare batterijen gebruiken lijkt me wat overdreven.

De vele vergaderingen weerhouden me er echter niet van om elke dag – al is het maar tien minuutjes – bezig te zijn met de voorbereidingen van de parkeermoestuin. Dat wil zeggen, het zaaien van de plantjes die ik binnen enkele weken dan buiten in potten wil zetten. Altijd goed om met de voeten op de grond te blijven en te beseffen dat het kweken van kerstomaatjes sneller gaat dan het veranderen van het lokaal beleid.

opkweken

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 3.729 other followers