4 januari 2032: de cijfers


Sinds ik in 2008 gestart ben met mijn Low Impact projectje hou ik nog steeds mijn meterstanden bij. Nu ook 2031 achter de rug kan het misschien interessant zijn de nieuwste cijfers even te vergelijken met 2010. Er is wel een verandering in de gezinssituatie. Toen had ik een gezin van 2 personen, namelijk mezelf en 2 halftijdse kinderen, nu leef ik alleen in mijn strobalen huisje, al zorg ik wel een dag per week voor de kleinkinderen hier.

Water. In 2010 was het gebruik bij mij precies 16,4 liter kraantjeswater per persoon per dag. Ongeveer 15 % van het toenmalige gebruik van de toenmalige gemiddelde Belg. Zoals de gemiddelde Belg nu niet meer bestaat heb ik eigenlijk geen waterverbruik meer.  Alle water dat ik nu gebruik is regenwater dat gefilterd wordt tot drinkwater kwaliteit en achteraf gezuiverd teruggegeven wordt aan de natuur. Aangezien echter we in juli dit jaar een lange periode van droogte hadden heb ik gedurende een tweetal weken water gekocht in 5 hervulbare liter bidons. Goed voor in totaal 50 liter aangekocht drinkwater. Of 0,13 liter per dag.

Elektriciteit.  Mijn verbruik is nu bijna twee keer zo hoog als in 2012. Dit jaar 344 kWH en in 2010 slechts 193 kWh groene stroom gebruikt. Aangezien deze stroom van mijn 2 eigen zonnepanelen komt ben ik niet aangesloten op het net (zoals bijna de helft van de huishoudens tegenwoordig). Het verbruik is iets hoger omdat ik nu elektrisch kook en er ook wat energie nodig is voor de waterzuivering. Maar voor mijn klimaatrantsoen heb ik geen CO2 uitstoot met mijn elektriciteitsgebruik.

Gas. In 2010 had ik nog een gasverbruik van 537 m³ (of 6825 kWh), dit is nu tot nul gereduceerd.

Pellets. In 2010 gebruikte ik zo’n 650 kilogram pellets voor de verwarming. Door de verhuis naar het strobalenhuis dat veel kleiner is en zeer goed geïsoleerd gebruik ik nu nog 150 kilogram voor een volledig jaar. In tegenstelling tot 2010 komen de pellets nu van vlakbij. Zowel in Lochristi als in Oostakker zijn er nu pelletbossen waardoor ze bij me thuis geleverd worden met paard en kar.

Mobiliteit. In 2010 heb ik ongeveer 900 kilometer (mee)gereden met de auto. In 2031 heb ik niet in de auto gezeten. Belangrijke reden is dat ik me veel minder verplaats en als ik ergen naar toe wil zonder probleem gebruik kan maken van het openbaar vervoer.  Dit is ondertussen zo goed uitgebouwd dat de privé auto bijna geheel verdwenen is. Natuurlijk zijn er nog ziekenwagens en bestelwagens om goederen te vervoeren, maar deze rijden allen elektrisch. Op mobiliteitskaart zie ik dat mijn CO2 uitstoot door het gebruik van het openbaar vervoer dit jaar op 360 kilogram komt. Daarmee kon je in 2010 met moeite 2400 kilometer rijden met een relatief zuinige wagen van 150 gram CO2/kilometer. Met het huidige openbaar vervoer heb ik er 8 500 kilometer kunnen mee afleggen in 2031.

Afval. In 2010 had ik elke maand een klein zakje restafval (ongeveer 2 kilogram), nu is dit wellicht minder dan 1 kilogram per maand. En dat is niet mijn eigen verdienste, maar gewoon een gevolg van een totale verandering in onze consumptiepatronen. Er wordt geen plastiek meer gebruikt voor verpakkingen, maar eerder bio-afbreekbare folie die gewoon in het compostvat gaat. Heel wat producten worden onverpakt of in retourverpakking verkocht. Het voordeel van deze aanpak is dat er zelfs geen huisvuilophaling meer is. Binnen loopafstand kan iedereen zijn weinig afval kwijt in de speciale buurtcontainers. Ik ben het nu al helemaal gewoon, maar ook zwerfvuil zie je bijna niet meer in tegenstelling tot 20 jaar geleden (zie deze oude foto uit die tijd)

Voeding.   Mijn menu is nog op dezelfde principes gebaseerd als toen. Geen vlees en vis, vooral lokale en seizoensgebonden producten, een deel ervan biologisch. Gezien de stadslandbouw nu sterk is ontwikkeld is het niet zo moeilijk om deze lokale producten te vinden.

Koolstofvoetdruk. Elke wereldburger heeft recht op zijn persoonlijke koolstofbudget. Er zijn nu nog verschillen tussen de vroegere rijke landen en ontwikkelingslanden, maar tegen 2050 zal iedereen zonder uitzondering moeten kunnen leven met 0,8 ton CO2 per jaar. Het quotum voor de stadsregio Gent (en de meeste Europese regio’s) is nu 2,7 ton. Met mijn eigen verbruik zit ik nu op 0,9 ton. Ik val in herhaling, maar het is nu zelfs nog veel beter mogelijk om te leven met meer geluk en minder voetafdruk.

2010 in cijfers (4)


Hoe is het gesteld met mijn verbruik en impact in 2010? Ik heb net alle meterstanden in een excel gezet en hier zijn de resultaten. (voor de duidelijkheid in de vergelijkingen, ik heb een gezin van 2 personen, namelijk mezelf en 2 halftijdse kinderen)

Water. Totaal verbruik van 12 kubieke meter, ofwel 16,4 liter kraantjeswater per persoon per dag. De gemiddelde Belg gebruikt ongeveer 120 liter.

Elektriciteit. Ik heb 193 kWh groene stroom gebruikt (86 kWh opgewekt door het eigen zonnepaneel). Ietsje meer dan vorig jaar onder andere door de pelletkachel. Dit komt neer op een verbruik van 0,26 kWh per persoon en per dag. De gemiddelde Belg heeft  ongeveer 3 kWh nodig.

Gas. Totaal verbruik van 537 m³ (of 6825 kWh),  dit is 10% meer dan vorig jaar. Twee verklaringen: 2010 was gemiddeld 15% kouder dan 2009, en mijn puberdochter is wat meer gaan douchen.

Pellets. In gebruik sinds einde november, in totaal zijn er 20 zakken (of 300 kilogram) gebruikt. Dit is vooral merkbaar bij het gasverbruik van de laatste twee maanden van het jaar. Dat was 70% lager dan in 2009. Met andere woorden zonder de pellets zou mijn gasverbruik een pak hoger geweest zijn. De pellets zijn goed voor 1620 kWh die ik moet toevoegen bij de 6 825 kWh van gas. Dus totale behoefte verwarming, warm water en koken is 8445 kWh.Een gemiddeld gezin heeft daar ruim 20 000 kWh voor nodig.

Mobiliteit. In 2010 heb ik ongeveer 900 kilometer (mee)gereden. Ongeveer 400 kilometer tijdens de vakantie, ongeveer evenveel voor het materiaal transport voor Dranouter festival en dan nog enkele kleinere ritjes o.a. om het dubbel glas op te halen. Een gemiddelde auto doet iets meer dan 15 000 kilometer. Daarnaast heb ik ook wel de trein en de bus gebruikt, maar geen vliegtuig.

Afval. Het strenge regime van het eerste LIM jaar is ietsje afgezwakt. Ik produceer nu een klein zakje restafval per maand (2 kg) en toch 2 PMD zakken per jaar. GFT gaat in het compostvat, glas en papier worden apart opgehaald.

Voeding. Hier geen afzwakking. Geen vlees en vis, vooral lokale en seizoensgebonden producten, een deel ervan biologisch. Alleen een eigen moestuin en stoppen met zuivel zou de voetafdruk nog kunnen verkleinen.

Spullen. Kleren blijven vooral tweedehands (vorig jaar kocht ik wel een nieuwe jas van Hennep), idem met huishoudspullen. Ik heb dit jaar toch enkele boeken gekocht.

Voetafdruk. Met al deze gegevens moet het mogelijk zijn om de ecologische voetafdruk te berekenen. Echter, sinds de nieuwe berekeningen van de voetafdruk waarbij de Belg aan 8 hectaren komt is er geen nieuwe gedetailleerde voetafdrukcalculator gebaseerd op de nieuwe  cijfers. Als ik de oude calculator gebruik kom ik op 1,95 ha. In elk geval wat mij betreft een goed leven, met een impact die toch twee-derden kleiner is dan de gemiddelde Belg. Daarmee ben ik zeker niet de man met de kleinste ecologische voetafdruk. Een groot verschil nog met het eerste LIM jaar. Toen was het een experiment, nu is het gewoon mijn manier van leven.

Als afsluiter nog een statistiekje van deze blog. Daaruit kan je aflezen dat het aantal bezoekers in 2010 groter was dan de voorbije twee jaar. Vandaar nog een woordje van dank aan de vele mensen die in 2010 regelmatig op deze site zijn langs gekomen. De suggesties en reacties van jullie kant zijn een belangrijke steun.

2009 in cijfers


Het einde van het jaar is voor mij steeds een beetje spannend. Want dan kan ik de eindbalans opmaken wat betreft het water- en energieverbruik. 2009 was het derde volledige jaar dat ik in mijn appartement in Gent woon. Hier zijn de cijfers van de voorbije drie jaar.

Tijdens het eerste jaar was het waterverbruik goed voor 30, 3 kubieke meter. In 2008 was het al een stuk minder (ook omdat ik vanaf 1 mei gestart was met mijn LIM project) zakte dit tot 15,7 kubieke meter. In 2009, een volledig LIM jaar is dit nog verminderd tot 9,9 kubieke meter. Omgerekend in liter per dag per persoon komt dit op 13,5 liter kraantjeswater. (de gemiddelde Belg gebruikt zowat 120 liter per dag) Van die 13,5 liter zal toch 1 tot 2 liter gebruikt worden om te drinken, de rest is dus voor afwas, wasmachine en poetsen. En voor de duidelijkheid, de kinderen nemen regelmatig een bad of douche, en zelf neem ik tegenwoordig korte douches. (het wassen met regenwater is eerder iets voor de zomer). De belangrijkste inspanning blijft het vullen van emmers met regenwater, maar dat is nu zo’n gewoonte geworden dat het geen inspanning vraagt.

Bij elektriciteit dezelfde verhoudingen. Van 391 kilowattuur in 2007, naar 240 kWh in 2008 en nu dus 141 kWh in 2009. Per persoon per dag spreken we dan over 0,2 kWh… Een cijfer dat ik zelf moeilijk kan geloven (bij een gemiddelde Belg gaat het over ongeveer 2,5 kWh) maar zo’n meterkast kan toch moeilijk liegen. Het blijft natuurlijk zo dat ik weinig apparaten heb, zeer zuinige verlichting en nooit elektriciteit gebruik om iets te verwarmen. Aangezien elke Vlaming recht heeft op 100 kWh gratis energie zou ik nu geld moeten terugkrijgen??

Tenslotte is er de gas, die ik gebruik voor verwarming, warm water en koken. Ik heb de kubieke meter omgezet in kWh en krijg dan volgende cijfers: in 2007 een gebruik van 17500 kWh. In 2008 (met 8 Lim maanden) wordt dat 14070 kWh en in 2009 het eerste volledige Lim jaar 6180 kWh. En dan moet ik vertellen dat het dak nog steeds niet geïsoleerd is (problemen om voldoende offertes binnen te krijgen met ecologische aanpak). Dus op basis van een aantal kleinere ingrepen en aangepaste gewoontes blijft het lukken. Wat verwarming betreft heb ik de cijfers ook eens gecorrigeerd rekening houdend met de gemiddelde jaartemperatuur. Want in 2007 was die 11,7 graden, 2008 was kouder met 10,9 graden. 2009 was dan weer iets warmer met 11,01 graden. Als ik daarmee rekening hou is het verbruik met 65% gezakt ten opzichte van referentiejaar 2007. (zonder de correctie slechts 62,5%)

Of ik het in 2010 nog beter zal kunnen doen is nog de vraag. In elk geval het idee dat we in 2050 met 90% minder zullen moeten doen dan nu lijkt me geen onoverkomelijke hindernis…

over cijfers en statistieken


We leven in een wereld van cijfers, en met cijfers kan je natuurlijk alles bewijzen, ook het tegendeel. Anderzijds maakt de overvloed aan metingen en cijfers het ook mogelijk om trends en evoluties te zien, bijvoorbeeld in veranderingen in de leefomgeving. Op Vlaams niveau zijn heel wat gegevens te vinden via de portaalsite Milieuinfo, maar ik wil wat dieper ingaan op mondiale cijfers en de manier om ze toegankelijk te maken.

Zo heb je bijvoorbeeld de site van Gapminder. Het gaat om een Zweedse NGO die zich tot doel gesteld heeft om gegevens wereldwijd beschikbaar te maken en te verspreiden.  Het interessante aan het model is dat je zelf een aantal parameters kan instellen en dan zien wat de evolutie is in de voorbije 30 tot 100 jaar. Dit wordt dan ook nog eens mooi gepresenteerd in een animatie.

gapminder

Je kan zelf wat op de site rondkijken en een en ander proberen. Een andere manier om kennis te maken is het bekijken van deze lezing van Hans Rosling. Je hebt er wel een goeie twintig minuten tijd voor nodig, maar je eigen denkkaders in vraag te stellen is dit toch een zinvolle tijdsinvestering.

Ook nog de moeite om eens te bekijken, de real time cijfers op   worldclock en worldometers (je kan je ook bezighouden met het vergelijken van beide cijfers)

Eerste wintermaand achter de rug


Regelmatige bezoekers van deze blog weten dat er elke maand wat cijfers verschijnen over het verbruik van de voorbije maand. November is een speciaal geval, de eerste maand waarbij ik terug buitenshuis ga werken na zes maand loopbaanonderbreking én de eerste echte stookmaand. Gisteren dus weer alles gewogen en gemeten en dit zijn de voorlopige conclusies:

- Afval status quo; inderdaad, mijn afval was vergelijkbaar met vorige maanden. Restafval; 1,2 kilogram. PMD; 400 gram. Glas; 2,3 kilogram en papier 4,7 kilogram. Papier is wel wat hoger dan de voorbije maanden vooral omdat ik wat heb opgeruimd en dan blijkt steeds dat er nogal wat papier weg mag. Maar dus, gaan werken hoeft de afvalberg niet te vergroten.

- Mobiliteit: hier is er natuurlijk een toename van het aantal treinkilometer (845 deze maand), omwille van het woon-werk verkeer naar Leuven natuurlijk. Dienstopdrachten zijn daarbij niet meegerekend, want die horen bij de voetafdruk van het werk. Een auto heb ik niet nodig gehad in november.

- De cijfers voor water en energie gaan wel wat omhoog. Dat heeft niet veel te maken met gaan werken natuurlijk, maar alles met de buitentemperatuur. Het verbruik van elektriciteit is gestegen van 0,35 naar 0,72 kWh per dag. Belangrijkste reden is het aanzetten van de centrale verwarming, want de pomp gebruikt ook elektriciteit natuurlijk. Het gasverbruik was deze maand 144 m3. Voor de hele periode 1 mei tot eind oktober was het slechts 60m3. Toch heb ik in absolute cijfers 17% minder verbruikt dan november vorig jaar. Om echt te weten hoe goed dit is moet ik ook rekening houden met de buitentemperatuur. Dus zodra de graaddagen voor november bekend zijn komt daar nog een correctie op. Waterverbruik in november is 17liter/dag/persoon, ook iets meer dan het gemiddelde van de voorbije maanden. Wellicht heeft dit ook te maken met de centrale verwarming.

Dus na een maand kan ik zeggen dat halftijds werken niet perse een grote invloed hoeft te hebben op de ecologische voetafdruk. Het kan zelfs een voordeel zijn om een paar dagen per week buitenshuis te zijn (dan kan de verwarming thuis minder staan). En het is natuurlijk ook erg plezant om terug een bende toffe collega’s te hebben natuurlijk.

5 maand; de cijfers…


Gisteren was het hier weer meten, tellen en wegen, want de vijfde maand van het LIM project is ondertussen ook alweer om. Laat ik deze keer beginnen met de afvalproductie van september:

  • restafval: 0,96 kilogram
  • PMD: 0,15 kilogram
  • papier: 1,6 kilogram
  • glas: 1,5 kilogram

Allemaal mooi in de buurt van of onder de streefcijfers. Het restafval bestaat nu grotendeels uit plastic (het blijft toch erg moeilijk om dit te vermijden…) en stof van mijn rolstofzuigertje. De cijfers voor water en energie zien er als volgt uit:

  • leidingwater: 0,77 m3 (of 13 liter/dag/persoon)
  • elektriciteit: 9,7 kWh (of 0,33 kWh per dag met zijn allen)
  • gas: 5 m3 (of 57 kWh per maand)

Het gasverbruik zal vanaf nu onherroepelijk omhooggaan (de voorbije dagen zet ik ‘s morgens precies gedurende 30 minuten de verwarming op, dat volstaat voorlopig voor de hele dag). Water en elektriciteit hoop ik de volgende maanden min of meer contstant te houden.

Voor voeding zal ik deze maand een iets hogere voetafdruk heb, omdat ik in kader van het raw food gebeuren toch af en toe iets van exotische producten heb gekocht. Zelf met de auto gereden heb ik niet, maar om mijn isolatiemateriaal hier te krijgen zijn toch zo’n 80 kilometer afgelegd met een vrachtwagen.

Wat dit allemaal voor mijn voetafdruk wil zeggen ga ik nu even niet verklappen. In kader van de komende documentaire lijkt het me spannender voorlopig geen voetafdrukcijfers bekend te maken. (geen nood, je hoeft niet naar TV te kijken, ik plaatst ze zeker nog op deze blog)

En nog een laatste cijfertje, vandaag zal wellicht voor de zeventig duizendste keer naar de LIM site worden gesurft. Ik kreeg ruim 550 reacties van lezers (waarvoor dank), en waar ik het meest trots op ben; twee meisjes van de klas 7WE nemen nu een douche van 10 minuten in plaats van 30 minuten.

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 3.728 other followers