goed bekeken?


Naar aanleiding van de post van gisteren zijn er verschillende terechte reacties die er op wijzen dat ook fietsers niet altijd kampioen zijn in het respecteren van verkeersregels. Als we in die gevallen dezelfde regel toepassen van gewicht x CO2 uitstoot (waarbij we de uitstoot standaard op 1 zetten om wiskundige redenen) dan zal de boete voor de foutparkerende fietser eerder 10 of 15 euro zijn. Bakfietsen en elektrische fietsen zullen wel meer betalen. Maar goed, het gaat  niet om de discussie wie nu het meest in de fout gaat, het gaat er om dat iedereen zijn verantwoordelijkheid opneemt in het verkeer. En we kunnen niet om de vaststelling heen dat een foutgeparkeerde of roekeloos rijdende SUV gevaarlijker is dan een vergelijkbare fietser of voetganger – foutgeparkeerde voetgangers komen trouwens zelden voor.

Iets anders dan. Brillen. Blijkbaar gaat het vanavond op Volt over de vergelijking tussen goedkope en dure brillen. Een goed moment om een verslagje te brengen over mijn bezoek aan de brillenwinkel. Want zeker nu er massa’s documenten op mij afkomen heb ik beslist eindelijk een leesbril aan te schaffen.

Je hebt toch ook meer dan 1 paar schoenen? Dit was het eerste wat ik las toen ik de brillenwinkel binnen stapte (genaamd naar een Deense sprookjesauteur).  Ik dacht dat de eerste stap bij de keuze van een bril een bezoek aan de oogarts was, maar veel mensen hadden me al gezegd dat je in de winkel zelf je ogen kan laten testen. Ik leg de vriendelijke dame dus uit dat ik wellicht een leesbril nodig heb, maar geen idee heb van welke sterkte enzo. Dus mag ik plaats nemen achter een toestel en kijken naar een prentje van een huisje in de verte. Blijkt dat het allemaal meevalt (mijn ogen zijn gelijk) en een sterke van 1 zal wellicht volstaat. Ik krijg een testbrilletje opgezet en een tekstje om te lezen. Na twee minuten is alles duidelijk, ik heb een simpel leesbrilletje nodig van sterkte 1 voor beide ogen.

Kijk‘ zegt de verkoopster enthousiast ‘dat komt goed uit, we hebben hier net een ongelofelijke aanbieding van 159 euro voor een krasvrije ontspiegelde montuur met glazen en je krijgt er een tweede bij‘. Als ik nu een nietsvermoedende consument was, dan had ik misschien wel toegehapt. Twee goede brillen voor de prijs van 1, en een keuze uit tientallen modellen. Tegelijk leek me dat toch wel veel geld, en is het zo dat ik maar 1 bril tegelijk kan dragen. Dus vraag ik of er niks goedkoper is.

Iets minder enthousiast wijst de dame me op een bakje met kant en klare brilletjes. “Deze zijn wat goedkoper, je krijgt 3 brillen én een brillendoosje voor 10 euro.“  Op zo’n moment begrijpen mijn hersenen de moderne economie niet meer.  Aanbod één = 79,5 euro/bril. Aanbod twee = 3,33 euro/bril. Als ik vraag hoe het komt dat er zo’n verschil is blijkt dat de goedkope brillen wel niet ontspiegeld en krasvrij zijn en ook wat minder degelijk. “Maar ze hebben exact dezelfde sterke en hetzelfde effect voor de ogen?” vraag ik nog even voor de zekerheid. “Jazeker”.

Hoe werkt zoiets eigenlijk. Ofwel is het ontspiegelen en krasvrij maken van glas een ongelofelijk dure aangelegenheid ofwel rekenen de brillenfabrikanten op de marketing om mensen het product te doen kopen dat 25 keer duurder is. Ik vermoed dus dat het om het laatste zal gaan. De mooi opgestelde monturen, de merken, de subtiele reclame boodschappen doen de consument opnieuw geloven dat je recht hebt op het beste, dat 1 bril veel te weinig is. Daarbij komt dan de speciale aanbieding en voila, heel wat mensen zullen er in trappen.

Dus goed uitkijken zou ik maar zeggen en de raad van mijn moeder volgen. Als er veel reclame voor een product gemaakt wordt dan koop ik het zeker niet, want het zal niet goed zijn als ze het enkel met veel reclame kunnen verkocht krijgen. Enja, ik heb nu drie leesbrilletjes.

eet meer bedreigde vis!


De Vlam doet het weer. Net als vorig jaar met de Zeeduivel slagen ze er in een vis te gaan promoten die niet op een duurzame manier wordt gevangen. Met de campagne “vis van het jaar” wil het Vlaams Centrum voor Visserijmarketing – een onderdeel van Vlam- de consument aansporen om een bepaalde soort vis meer te gaan consumeren.

Dat het deze keer Pladijs (of ook wel schol) is geworden zal niet verbazen, want  ”er is dit jaar een uitzonderlijk groot pladijsbestand is in onze zee. De vissers mogen ook uitzonderlijk veel pladijs opvissen, zo’n 6.000 ton. Dat is zo’n 20 procent meer dan wat vorig jaar werd opgevist.”  Het klinkt dan ook niet zo bedreigend als we er wat meer zouden van eten. Maar als je op goedevis.nl pladijs invoert, dan krijg je volgende informatie.

Op de site kan je lezen dat alle pladijs uit de Noordzee komt en bij de eerste twee soorten (oranje keuze) de manier van vissen behoorlijk is (maar nog steeds tweede keuze) en bij de derde soort (rood) sprake is van onduurzame visvangst. Dus dat er bij deze methode met boomkor veel schade is aan de bodem is én er veel energie wordt gebruikt.

Als je ‘schol’ invoert dan zie je dat er ook twee soorten zijn die een betere quotering krijgen. Daar worden vistechnieken gebruikt die minder schadelijk zijn.

Jammer genoeg lees je bij de mededeling rond de vis van het jaar nergens wat meer info over de gevolgen van de vismethode, en vooral over hoe je als consument kan weten op welke manier je vis gevangen wordt. En zo is het waarschijnlijk dat de toenemende consumptie van deze bekroonde vis door deze campagne zorgt voor bijkomende schade aan de Noordzee. Maar goed dit is geen initiatief van een centrum voor duurzaam vissen, maar van een centrum voor marketing. En dan weet je welke belangen er het meest doorwegen.

city-marketing


Deze morgen las ik een vreemde aankondiging in de economie-bijlage van De Standaard (nog een gratis geschenkje van de zeer geslaagde wachtnacht trouwens). Een aankondiging van een congres met als titel; ‘hoe scoren met citymarketing’.

City-marketing is steeds belangrijker aan het worden – dat merk ik dagelijks als inwoner van Gent – maar ik krijg toch een wat ongemakkelijk gevoel bij dat soort aankondigingen. Het gaat niet meer over ‘hoe een duurzaam stedelijk beleid opzetten’ of ‘hoe maak je van de stad een leefbare plek’ maar het gaat over ‘scoren’. Volgens de aankondiging zal tijdens het congres aangetoond worden hoe je met instrumenten en media bezoekers en inwoners een ‘prettig gevoel’ kan geven.

Tja, als de marketing belangrijker wordt dan de realiteit dan zitten we toch op het verkeerde spoor. Dat een stad of gemeente probeert de goede dingen die ze doen ook onder de aandacht te brengen kan ik best begrijpen. Dat ze daarvoor mooie folders maken kan ik ook nog volgen. Maar dat steden waarin bijvoorbeeld armoede en vereenzaming duidelijk toenemen dan maar marketingtechnieken gaan inzetten om mensen een prettig gevoel te geven gaat mij toch wat te ver. Gevolg is dat de aandacht (en de middelen) vooral worden ingezet voor prestigieuze evenementen of  grote projecten die niet altijd overeen komen met de echte noden.  Net als marketing kan gebruikt worden om totaal overbodige of zelfs schadelijke producten er aantrekkelijk te laten uitzien kan city-marketing een ontoereikend beleid maskeren. Dus wat mij betreft: city-marketing, nee bedankt.

Ps: een geslaagde wachtnacht dus, al stel ik ook wel vragen bij het effect van dergelijke signalen naar de politiek. Mijn mening hierover kan je lezen op de site van MO*.

marketing


Ik heb een beetje een liefde/haat verhouding met de wereld van de marketing. Enerzijds slagen slimme marketeers er in behoeftes uit het niets te doen onstaan en ons dingen te doen kopen die we van geen kanten nodig hebben. Aan de andere kant beschikken ze over heel wat kennis en creativiteit die ons zouden kunnen helpen om op een meer duurzame manier te leven. Jammer genoeg voeren de marketeers vooral opdrachten uit voor wie ze kan betalen (zoals het forum voor kernenergie), en de budgetten van de niet duurzame productenten zijn vele male groter dan die van de duurzame. Er zijn gelukkig een aantal bureau’s die werken voor de non-profit. Mooie voorbeelden van duurzame marketing kan je vinden op de blog van  Stefaan Van Dist.

marketeersDit gezegd zijnde wil ik nog even melden dat er aan de Hogeschool in Leuven (en wellicht ook op andere plaatsen) toch ook gewerkt wordt aan duurzame marketing. Zo heb ik zelf een voormiddag meegedacht met een 80-tal studenten die met een reeks boeiende projecten bezig zijn. Daarbij moeten ze telkens een gedragsdoel (bvb fiets gebruiken, minder vlees eten, of zich verbonden voelen met de natuur) omzetten in een marketingproject en dat meteen ook concreet uitwerken en toepassen. De resultaten ervan worden woensdag voorgesteld op in Heverlee, wie interesse heeft is in elk geval welkom. Meer info op www.uteltmee.be

Een mooi staaltje van creatieve contra-marketing kan je trouwens hier vinden:
http://www.flickr.com/photos/eliegtrabel/

Volg

Get every new post delivered to your Inbox.

Join 3.773 other followers