Viva Evita!


De voorbije maanden heb ik het genoegen gehad om de andere kandidaten van onze lijst beter te leren kennen, en daar zitten heel wat interessante mensen bij. Neem nu Evita Willaert, die sinds juni 2011 in de OCMW-raad zetelt voor Groen.

Ze heeft er een aantal jaren in het onderwijs op zitten en kan zichzelf in alle bescheidenheid een expert in ‘meertaligheid’ noemen.  Naast lesgeven in het beroepsonderwijs heeft ze gewerkt als pedagogisch begeleider in een project van de stad Gent rond het ontwikkelen van schoolse vaardigheden via de thuistaal. Op dit ogenblik werkt ze aan een doctoraat rond de troeven en voordelen van meertaligheid in het basisonderwijs.  Als ik haar vol vuur  haar standpunten over het onderwijs hoor uitéénzetten dan hoop ik ten volle dat ze die deskundigheid ook in de gemeenteraad mag etaleren.

Binnen het OCMW werkt ze rond verschillende thema’s. Zo ijvert ze om binnen de dienstverlening meer aandacht te besteden aan interculturalisering, zowel binnen de organisatie zelf als naar de  ‘diverse’ cliënten toe. Een gemiste doelgroep die volgens haar meer aandacht verdient zijn de allochtone senioren, zij worden nauwelijks bereikt met het huidige zorgaanbod. Evita haalde de nationale pers met haar reactie op Geert Versnicks suggestie om leefloon en/of aanvullende steun (bijv. voor energie- of schoolkosten) af te nemen of tijdelijk op te schorten wanneer ouders er niet in slagen hun kleuters naar school te sturen.

Evita spreekt niet in slogans, en is bereid om uit het eigen referentiekader te treden en begrip op te brengen voor het kader van anderen. Taal is in de eerste plaats een sociaal gegeven, taal maakt relaties (of breekt ze), achter taal en de woorden die we kiezen zit een hele wereld van betekenissen verborgen. En uiteraard: taal is macht. We hebben niet allemaal evenveel ‘recht van spreken’. Dat naar de oppervlakte halen, zodat we écht naar de realiteit en naar problemen kunnen kijken, daar is Evita mee bezig.

Evita is opgegroeid met vier oudere broers.  Thuis waren hevige discussies over wereldproblemen, maatschappij en politiek dagelijkse kost.  Hoewel de papa traditioneel Volksunie-minded was is hij nu erg trots op zijn dochter. Toen Evita gekozen werd als OCMW-raadslid heeft papa Willaert zichzelf en de rest van de familie lid gemaakt van Groen. En nu komt hij zelf op, als oudste op de Groen-lijst in Aalter. We horen vaak van jonge De Croos en Tobbacken die in de voetsporen van hun vader treden, maar hier gebeurt het omgekeerde. Wat mij betreft hoop ik dat op 14 oktober veel mensen hun stem geven aan deze jonge getalenteerde dame.

Advertenties

dromen, fietsen en lopen


Vandaag wordt het een hele dag campagnevoeren in de stad. In de voormiddag een fietstocht samen met kartelpartner Sp.a doorheen Sint-Amandsberg en na de middag deur aan deur met mensen gaan babbelen. Tegen de vooravond sluiten we dan af met een gezamenlijk campagne aperitief. De intensiteit van het campagne voeren laat trouwens vreemde sporen na. Deze morgen werd ik wakker in een droom waar – op een nogal ongewone manier- de verkiezingsresultaten werden meegedeeld.

Niet veel tijd dus om achter de computer te zitten. Daarom laat ik je graag mee dromen van hoe een stad er uit zou kunnen zien. Een filmpje over een prachtig eco-kunst initiatief in Neustadt (de Kunsthofpassage) en een reportage over Lyon, dat er in geslaagd is een heuse fietsstad te worden.

Zondag ben ik niet bezig met de verkiezingen, dan ga ik namelijk meelopen in de marathon van Oostende. Mijn plan was om deel te nemen in Gent (zoals de vorige jaren), maar deze keer hebben ze de marathon afgelast. En omdat ik al maanden met de voorbereiding bezig ben heb ik dan maar voor Oostende gekozen. Mijn verwachtingen zijn niet zo hoog gespannen, want de laatste weken wat er iets te weinig tijd om veel te lopen. Maar meedoen en uitlopen is natuurlijk het belangrijkste. (het zal trouwens mijn 10de marathon zijn, je mag even aan me denken tussen 10 en 14uur)

 

vooruitzien


Ik heb toch het gevoel dat de meeste politici die zich presenteren voor de gemeenteraadsverkiezingen niet veel verder kijken de losliggende stoeptegel of de plannen voor een nieuw zwembad. De programma’s sommen een reeks plannen op in verband met kinderopvang, veiligheid, mobiliteit of stadsgroen, en dat vanuit de veronderstelling dat alles min of meer blijft lopen zoals nu.

Je hoeft maar een kwartiertje rond te kijken op enkele nieuwssites om te zien wat er allemaal op ons afkomt. Als Israël zijn dreiging uitvoert om Iran aan te vallen dan gaan de olieprijzen meteen de hoogte in en zakt de economie weg in een zware recessie. Maar evengoed kan het Dexia verhaal ons dwingen tot zeer zware besparingen zoals ze die nu in Spanje en Griekenland aankondigen. Wat zal dit dan willen zeggen voor het beleid van steden en gemeentes?  Om nog te zwijgen van mogelijke problemen door stijgende voedselprijzen, mogelijke sociale onrust, energiepannes, chemische vervuiling, de eurocrisis enzovoort. Als ik dan de goed nieuws show hoor van Kris Peeters dan krijg ik toch het gevoel dat de man op een andere planeet leeft.

Het gaat niet om paniek zaaien of doemdenken maar over een volgens mij cruciale eigenschap van politici: vooruitzien. En wie er vanuit gaat dat de volgende zes jaar en doorslagje zullen zijn van de voorbije zes jaar lijkt me nog naïever dan de hij die denkt dat we door zingen het klimaat zullen redden. De eerste stap om met deze onzekerheid om te gaan is dit onder ogen zien en durven communiceren.

Alleen heb ik nog niet echt politici gehoord die duidelijk zeggen dat we het in de toekomst met minder zullen moeten doen. Dat onze manier van leven niet vol te houden is, dat we minder zullen vliegen, minder vlees eten, minder energie ter beschikking zullen hebben en ons voedselaanbod zal veranderen. De volgende stap is duidelijk maken dat dit geen slecht nieuws is. Integendeel, dat het kantelpunt waar we voor staan een kans is kom af te maken met een model dat voor mens en milieu nefast is.

De weg naar de toekomst is onduidelijk, maar begint wel met het erkennen dat het een andere weg zal zijn. Wie durft?

 

 

http://www.youtube.com/watch?v=F2bZph829Hc

Dresden mooie stukje stad

wortelen en wortelen


Dank zijn mijn buurman die én een TV heeft én een digibox én die bovendien erg vriendelijk is heb ik de reportage van Telefacts eerder deze week kunnen bekijken. Je kan hier (na de reclame) de trailer zien. Het uitgangspunt is lovenswaardig, namelijk bekijken hoe het verder moet als onze huidige systemen (olie, financieel, voedsel,…) het laten afweten.

Bij het bekijken van de reportage was ik toch niet helemaal gelukkig, want eigenlijk had het beeld dat men van de transitiegroepen schetste een nogal hoog… euh Low Impact gehalte. Wat men liet zien zijn mensen die op het platteland wonen en bezig zijn met zelfvoorziening. Waarbij echt wel de indruk gewekt wordt dat ze zich afsluiten van de samenleving en vooral bezig zijn met het eigen overleven en het kweken van wortelen. Terwijl de filosofie van de transitienetwerken er vooral op gericht is om je te verbinden met je lokale gemeenschap en samen met de mensen daar te werken aan je veerkracht. Niet streven naar ‘autonomie’, maar eerder naar minder onafhankelijkheid van de externe systemen.

En er zijn vele manieren om onafhankelijker te worden. Zo is er een nieuwe actie gelanceerd van Greenpeace: Switch to Green, een grote groepsaankoop voor echte groene stroom. Ik zou voorstellen dat wie nog niet is overgeschakeld meteen deelneemt aan deze oproep, en zo veel mogelijk andere mensen uitnodigt het zelfde te doen.

Tenslotte nog een aankondiging van een actie in Gent. De Carrot Mob die zal doorgaan op 6 oktober. Een heleboel consumenten die samen gaan winkelen bij die winkelier die zich engageert om de opbrengst van die dag te investeren in energiezuinige maatregelen. Ik zal erbij zijn die dag, en hopelijk nog vele mensen die op een of andere manier bezig zijn met transitie.

de Gentse brievenbussen


Ik heb gisterenavond een ‘busronde’ gedaan. Misschien is het wat vreemd dat iemand die zelf geen affiches heeft dan toch deur aan deur folders in de bus gaan stoppen, maar het hoort er bij. Mensen moeten toch weten waar de partijen voor staan. Ik vind trouwens dat niet enkel de vele vrijwilligers dit soort minder leuke klusjes moeten opknappen maar je als kandidaat toch ook een handje kan toesteken.

Het is wel interessant om op die manier de Vlaamse brievenbus van naderbij te  bestuderen. Er is namelijk een zeer grote diversiteit. Ecologisch verantwoord zijn de geïsoleerde bussen met borstels, al is het  vaak een heel gedoe om er een folder in te frommelen. Heel handig zijn gewoon de spleten in de muur waar je het drukwerk makkelijk in kan mikken. Al zijn deze bussen wel zeer slecht omdat ze de warmte laten ontsnappen. Regelmatig zie je ook de fantasierijke bussen in de vorm van kabouterhuisjes, karrenwielen, melkbussen en houtblokken die in de stad een illusie van landelijkheid willen creëren.

Zeer vervelend zijn de kniekruipbussen, die zo laag in de deur zitten dat op je knieën moet gaan zitten. Dit is dubbel lastig als het ook nog eens over recalcitrante kleppen gaat. Die moet je eerst met twee handen en veel moeite open wringen om er dan een briefje in te duwen. Een recalcitrante kniekruipbus mét borstels is dan ook de nachtmerrie van elke busser. Zeer fijn zijn dan weer de seriebussen. Zes of acht bussen netjes op dezelfde hoogte en met hetzelfde systeem om ze te openen. Bij slechts weer zijn residenties en appartementen een verademing, daar kan je op korte tijd een hele reeks folders kwijt in de binnenshuisbussen.

De dubbelklepbussen zijn dan weer tricky, omdat er een risico bestaat dat je vingers blijven steken tussen de twee kleppen. Tenslotte zijn er nog de camouflagebussen. Dan moet je echt gaan zoeken om de bus te vinden die heel netjes en onopvallend is verwerkt in de deur of muur. Er zijn ook nog dichtgeplakte bussen en andere die zo volgepropt zijn met ander verkiezingsdrukwerk dat er niks meer bij kan.

De bussen lijken wel een afspiegeling van de diversiteit van onze steden. Wat je tijdens zo’n ronde in elk geval leert, is respect voor de postbode.

Het valt trouwens op dat er in Gent heel veel bussen zijn met de bekende GMF anti-drukwerk sticker. Sommige mensen vinden het wel eens lastig dat daar wél verkiezingsdrukwerk in komt. Zeker voor een partij als Groen is dit lastig. Je wil enerzijds ook zuinig zijn op papier, maar je wil tegelijk dat mogelijke kiezers op de hoogte zijn van je programma.

Deze mensen hebben het slim aangepakt. Ze weten wellicht al op wie ze gaan stemmen en communiceren dit op die manier.

Een goed idee vind ik persoonlijk. Bij de volgende verkiezingen kan het GMF misschien  een nieuwe sticker verspreiden met  ‘geen verkiezingsdrukwerk, ik heb mijn keuze al gemaakt‘. Lijkt me een goede manier om papier te sparen en de bussers zullen het zeker niet erg vinden.

de Dacia Dusters


Gisteren stond in de Standaard een opmerkelijke opinie van Gert Goeminne. Gert is niet enkel een ex-collega én buur van mij, maar ook een van de mensen waar ik steeds met veel interesse naar luister. Want hij slaagt er in mijn overtuigingen over hoe de wereld in elkaar zit regelmatig in vraag te stellen. En dat is natuurlijk een goede zaak, want te zeker zijn van je eigen mening kan schadelijk zijn.

De kern van zijn betoog is dat  zingen voor het klimaat – hoe sympathiek ook – niks zal uithalen. Het is een samenkomst van gelijkgezinden waarmee je er niet in slaagt de Dacia Duster Vlaming te overtuigen. En wie mag dit wel zijn? Dit is de Vlaming die ‘je steeds vaker ziet rondscheuren in zijn glimmende lowbudget-terreinwagen, de hardwerkende Vlaming die zich een doortrapt verkooppraatje liet opspelden: ‘Ook u, simpele werkmens, hebt het recht om in een SUV rond te rijden’. Het is wellicht dezelfde Vlaming (of eventueel zijn vrouw) die in de Aldi een elektrische handdoekendroger gaat kopen.

De uitdaging volgens Gert is dat we ons niet alleen moeten focussen op het klimaatprobleem, maar vooral ‘actief moeten zoeken naar een andere organisatie van de samenleving. De strijd om duurzaamheid kan alleen maar gewonnen worden wanneer sociale en technologische vernieuwing mensen laat zien dat anders ook beter kan zijn.’ Daar ben ik het dus helemaal mee eens, en is ook een van de drijfveren in alles wat ik doe. Zo ga ik vandaag zo’n 600 scholieren in Hamme met mijn theatershow proberen duidelijk te maken dat Low Impact leven vele voordelen heeft. Het brede publiek nieuwe voorbeelden tonen is ook het doel van Ministerie van Ideeën. En dan ben ik wel benieuwd of Gert denkt dat we hiermee de Dacia Dusters kunnen bereiken – als je het filmpje bekijkt van Liesbeth, de minister van de week, krijg je in elk geval eerst een reclameblok.

Het blijft natuurlijk een aartsmoeilijke kwestie. De Vlaming die kiest voor goedkope kip verleiden voor een heerlijke seitansteak, of voor echte groene stroom. En hoe slagen we er in diezelfde Vlaming uit zijn Dacia Duster te krijgen (zie het prachtige stuk van Geert Van Istendael in Mo*).  Ik vrees dat het meer zal moeten zijn dan de fiets hipper maken of wijzen op de financiële voordelen.

Misschien moeten we eerst investeren in de relatie. Misschien moeten de ‘bakfietsvlamingen’ manieren vinden om de ‘Dacia Dusters’ te leren kennen? Misschien moeten we deze groep mensen niet minachtend vanuit ons groot gelijk benaderen, maar met respect (en liefde). Dus opdracht van de week, een praatje maken met buren of vrienden die er niet aan denken om ooit te zingen voor het Klimaat. Niet om ze met de vinger te wijzen maar op zoek te gaan naar iets wat we samen delen. Succes.

 

0,7 of 10%


Ruim 60 000 mensen hebben meegezongen met Sing for the climate, dat lijkt me toch een behoorlijk signaal. Tegelijk lees ik dit weekend dat de Belgische bijdrage voor ontwikkelingssamenwerking flink geslonken is (-13%). Terwijl duidelijk is dat de slachtoffers van klimaatverandering zich vooral in het Zuiden bevinden gaat onze steun terug ferm achteruit. Het pijnlijke is dat in elk regeerakkoord, bij elke nieuwe minister of staatssecretaris voor ontwikkelingssamenwerking met veel overtuiging gemeld wordt dat België van plan is de bijdrage op te trekken tot 0,7 % van het BNP.  Een belofte van 1970 (!) die nog geen enkele keer gehaald is. Wie gelooft deze mensen nog.

Dit moest ik toch even kwijt. Dit falen van de overheid mag geen reden zijn om zelf niks te doen. Te geven dus. In het boekje ‘de wereld veranderen hoe doe je dat’, staat een interessant stuk hierover. Het gaat over Toby Ord die onderzocht hoe je nu het meest effectief geld kan geven en hoeveel dit dan zou kunnen zijn. Zijn conclusie is dat 0,7% nogal mager is, hij stelt voor om 10% te nemen. Hij kwam tot dit getal door eerst te  berekenen hoe rijk hij was.

Op deze pagina kan je dit zelf ook doen, let wel, je moet dan nog even omzetten van dollar naar euro (1 dollar = 0,77 euro).  Je kan eventueel nog eens met deze andere site de berekening maken – hoewel ze een beetje anders rekenen). Toen Ord ontdekte dat hij bij de 4% rijkste van de wereld hoort en besefte dat als hij 10% van zijn inkomen zou weggeven dan nog bij de 5% rijkste zou horen was zijn keuze snel gemaakt.

Bij mijn berekening zou ik zakken van 6,6 naar 7,9 %, inderdaad niet echt een probleem. Op dezelfde site bekijkt hij dan ook hoe je het meest effectief kan helpen. En als ik daar even snel de oefening maak zou ik ongeveer 45000 ‘schooljaren’ kunnen financieren. Goed, ik heb even niet de tijd om dit allemaal grondig na te rekenen. Maar het punt is wel; laten we wel blijven beseffen hoe rijk (de meesten van ons) zijn, en dat delen echt geen kwaad kan. (Zingen alleen zal niet genoeg zijn)