vuile olie


ruwewereldBij de 11-11-11 boekenverkoop al bijna een jaar geleden had ik er nog boek gevonden dat me interessant leek: ‘Ruwe wereld’ van Peter Maass. Het was een tijdlang blijven liggen op een stapeltje tot ik het onlangs eens ter hand nam. Ondertussen heb ik heb van begin tot einde verslonden. Het gaat om een weinig opbeurend, maar zeer leerrijk en goed geschreven verhaal over olie.

Dat het verbranden verbranden van fossiele brandstoffen ernstige gevolgen heeft zal iedereen beseffen vermoed ik,  dat we grote risico’s lopen door onze samenleving te baseren op een eindige grondstof hopelijk ook. Maar een schromelijk onderschat neveneffect van de olie is de verwoestende impact op de plekken waar olie gevonden wordt.

Bijna zoals in een thriller beschrijft Maass wat er gebeurt is met landen als Irak, Venezuela, Saudi-Arabië, Ecuador en Nigeria zodra de eerste olie ontdekt werd. Waar je zou denken dat deze arme landen daarmee een unieke kans krijgen om zich te ontwikkelen blijkt het zwarte goud vooral voor een vloek te zorgen. Naast de milieuvervuiling zorgt olie voor buitenlandse inmenging (waarbij vaak Westers gezinde dictators in het zadel worden geholpen), corruptie en hebzucht, een grote toename van geweld en ongelijkheid, kans op buitenlandse invasies, beperken van burgerrechten, kortwieken van de oppositie en hoe paradoxaal het ook klinkt, tekort aan brandstof op de eigen markt.

gevolgenoliewinning

Het boek staat vol verhalen van hoe de oliemaatschappijen erin slagen contracten los te peuteren voor een habbekrats, of hoe ze de natuur verwoesten en met de noorderzon verdwijnen als de opbrengst achteruit gaat. Eigenlijk beseffen we niet dat elke liter olie die we hier gebruiken ergens aan de andere kant van de wereld mee zorgt voor vernietiging van het regenwoud of het aangroeien van de sloppenwijken. Dat door de klimaatchaos vaak dezelfde menen nog eens getroffen worden is helemaal cynisch natuurlijk.

Wat we nodig hebben om van onze olieverslaving af te geraken is allemaal voorhanden. De technieken en alternatieven zijn beschikbaar, het is een kwestie van maatschappelijke keuzes maken en knoppen in ons hoofd omdraaien. Zou dit niet een mooi project kunnen zijn voor onze komende nieuwe regering: ons land zo snel mogelijk van de olie afhelpen…

 

de groene renaissance


Zoals beloofd, na de minder vrolijke voorspellingen van gisteren, een beschrijving van waarom het volgens Jeremy Legett ook in de goede richtig zou kunnen evolueren. Het concept dat hij daarvoor gebruikt is ‘de kracht van de context‘. Het is pas als de juiste context er is (de olieschok dus), dat er zich een unieke gelegenheid aanbiedt om plots voldoende draagkracht te vinden voor een massale omschakeling naar hernieuwbare energie.

uitdeolieHij maakt daarbij de vergelijking met de aanloop naar de tweede wereldoorlog. Waarbij Churchill bijna tien jaar lang waarschuwde voor een mogelijke aanval vanuit Duitsland. Niemand had echter oren naar zijn waarschuwingen, tot Hitler de buurlanden begon binnen te vallen én binnen enkele maanden de hele Britse economie was omgeschakeld. Het was een ongeziene economische omschakeling met steun van de hele samenleving.

Iets vergelijkbaar zou kunnen als de oliecrash zorgt voor een context waarin misschien wel de nodige keuzes gemaakt kunnen worden. Deze omschakeling zou een belangrijke stap vooruit zijn in het bekampen van de klimaatchaos en uit heel wat studies blijkt dat het een pak goedkoper is dan de fossiele weg koste wat kost te blijven volgen.

Zal het dubbeltje aan de goede kant vallen? Niemand die het weer, maar Leggett merkt op dat er een aantal redenen zijn om daarop te kunnen hopen. Onder andere onze door neurowetenschappers ontdekte ‘prosociale geneigdheid’ en de door Rifkin beschreven komst van de empathische samenleving wijzen in die richting. Andere aanwijzingen zijn de groeiende ‘people power’ en de komende kracht van de context die het mogelijk maken de juiste keuzes te maken. Om af te sluiten citeer ik de auteur zelf nog even:

Ik ben ervan overtuigd dat het kapitalisme zoals we dat kennen onze welvaart torpedeert, onze economieën om zeep helpt en onze kinderen met een onleefbare wereld dreigt op te zadelen. Het moet van de grond af aan herzien worden. Dat is waar de weg naar de renaissance ons uiteindelijk heen zal moeten voeren. Naar een plek heel ver voorbij waar we ons nu bevinden. Naar een plek die zowel wenselijk als mogelijk gemaakt wordt door de kracht van de context van na de crash. Lukt dat, dan is de ergste crisis van het moderne kapitalisme wellicht niet meer dan een inktzwarte regenwolk boven de menselijke geschiedenis, waar de zon elk moment weer doorheen kan breken.”

Laat die olieschok maar komen zou ik zo denken…

bijna zonder olie?


Vorige week op ‘Mind the book’ heb ik de uiteenzetting gehoord van Jeremy Leggett, meteen ook zijn boek gekocht en in een ruk uitgelezen. Want in tegenstelling tot nogal wat boeken over energie of klimaat is dit een behoorlijk spannend boek. (Uit de olie, uitgegeven bij EPO, ISBN 978 94 91297 908)

Leggett is zowel ondernemer (in zonne-energie), geoloog (gespecialiseerd in fossiele brandstoffen) en meer en meer ook activist. Zijn verhaal biedt dan ook een bijzondere inkijk in de periode van 2003 tot 2013. Het decennium waarin de groei van de productie van conventionele olie tot stand kwam en de financiële bubble van 2008 plaatsvond. Kern van het verhaal van Leggett is dat we in elk geval op een nieuwe dubbele crash afstevenen.

Wat de olie betreft maakt hij in zijn boek heel duidelijk dat vanuit steeds meer hoeken (het Amerikaanse leger, topmannen van oliebedrijven en andere) de waarschuwing sterker wordt dat we binnenkort (tegen eind 2015) zullen te maken krijgen met een vermindering van het aanbod van fossiele brandstoffen. Voor de believers in het schaliegas verhaal, daar maakt hij ook vakkundig brandhout van. De gevolgen van deze crash zullen zeer groot zijn.

Het andere punt zijn de financiële markten. Want in de balansen van de energiemaatschappijen is een groot deel van de waarde vertegenwoordigd door nog niet ontgonnen voorraden. Voorraden waarvan nog niet bewezen is dat ze kunnen ontgonnen worden én die – als we het klimaatprobleem onder controle willen krijgen – best in de grond blijven zitten. Dus is hier een nieuwe financiële zeepbel onvermijdelijk.

Voor wie geen zin/tijd heeft het boek te lezen hier alvast de conclusie: “Samenvattend krijgt de wereld… ofwel eind 2015 met een olieschok te kampen, kort daarop gevolgd door een financiële crisis, of vindt er voor dat moment al een tweede financiële crash plaats, die een paar jaar later door een uitgestelde oliecrash wordt gevolgd.”  Meer kan je lezen op zijn website of op de site van Carbon Tracker (waar hij ook aan meewerkt). Je kan ook deze lezing hieronder bekijken.

Oh ja, hij beschrijft ook een mogelijk hoopgevend pad voor de periode na de crash. Daar schrijf ik morgen over.

boten, tunnels en olie


IMG_0757[1]Reizen met een vrachtschip blijft een zeer aangename ervaring, en levert meestal aangename verassingen op. Zo stonden we bij het opstappen in Brevik voor de terugreis meteen oog in oog met Stefaan (van BBL en GMF) en Katrien. Dus hadden we 48 uur om bij te babbelen en aangezien Stefaan een notoir vogelliefhebber is heb ik heel wat geleerd over allerlei trekvogels die je kan zien op zee.

We hebben ook kennis gemaakt met Gentse koppels die met de fiets op stap gingen, en een Antwerps-Noors duo dat al jaren de vakantie in Noorwegen doorbrengt. Altijd goed voor een praatje, al is er ook veel tijd voor lezen en wordt ’s avonds een DVD uit de beperkte voorraad bekeken. Zo heb ik nu ook eens de redelijk overdreven King Kong versie van Peter Jackson gezien.

Het observeren van de bedrijvigheid bij het laden en lossen is ook fascinerend. Hoe honderden trailers op en af het dek worden gereden, hoe de fonkelnieuwe Volvo’s van Gent naar Göteborg worden ingescheept waar weer andere modellen staan te wachten die naar hier moeten komen. Het hele zeetransport systeem is een belangrijke ruggengraat van onze mondiale consumptie en productiemodel. Je vraagt je af wat er allemaal in die containers en vrachtwagens zit, hoeveel energie al dat transport niet moet kosten. Enerzijds met bewondering voor de geoliede machine en de gigantische afmetingen van de installaties in de havens, anderzijds toch wat bezorgd over de vele olie die de machine nodig heeft. En wat er kan gebeuren als dit systeem begint te haperen.

IMG_0820[1]Over haperen gesproken, mijn vriend in Stavanger had het ook over de risico’s van het economisch model in Noorwegen, dat meer en meer op een Koeweit economie begint te gelijken. Zo bieden de oliemaatschappijen hoge lonen zodat heel wat leerkrachten daar aan de slag gaan en er buitenlandse leraren moeten ingezet worden om de Noorse kinderen Noors te leren! Het vele oliegeld zorgt er ook voor dat er steeds meer geïnvesteerd wordt in peperdure tunnels onder de fjorden. Waardoor het zeer goed functioneren ferry-steem wordt afgebouwd en meer en meer met de auto wordt gereden. En dan mis je meteen het fantastische zicht op het landschap.

We zijn een hele dag met een boot in de Lysefjord gaan varen, en dit zijn toch wel ervaringen die moeilijk met woorden zijn weer te geven. De rotswanden die het diepblauwe water omgeven, het besef dat dit landschap gevormd is door gletsjers in de ijstijd. Soms zie je een hele tijd geen enkel spoor van menselijk ingrijpen en zweeft er een zeearend boven je hoofd terwijl in de verste een zeehond zijn kop boven steekt. Altijd goed om nederig en vol bewondering te genieten.

De combinatie van de aanwezigheid van de natuur en de tijd (vooral op de boot) hebben gezorgd dat ik wat nieuwe ideeën heb uitgewerkt voor mijn boekproject, en voor de nieuwe show die ik wil gaan maken. Voor de Gentenaars kan ik alvast aankondigen dat er een try-out is op het Fair Festival op 8 september. Hier kan je inschrijven. Wie zelf graag eens een try-out organiseert mag me steeds contacteren (steven@lowimpactman.be)

rotsen, water en dennen


Deze morgen om zes uur aangekomen in de haven van Gent, na 48 uur op de boot. De volgende dagen schrijf ik hier zeker wat meer impressies, hier alvast enkele losse beelden…

Noorwegen is in elk geval een droom voor elke ingenieur die graag tunnels en bruggen bouwt. Het grillige landschap en de vele eilanden zorgen voor een veelvoud aan betonnen constructies onder de grond en boven het water. Liefhebbers van hout(skellet) bouw komen er ook tot hun trekken.

IMG_0790Heel veel woningen worden in hout opgetrokken, waarbij vroeger de gewoonte was om massief houten huizen te gaan bouwen. Vaak ook met intensieve groendaken. Opvallen trouwens dat deze huizen goed worden onderhouden. Sommige er van staan er al honderden jaren, zoals dit mooie kerkje in Roldal (uit de dertiende eeuw).

IMG_0831

Noorwegen heeft ongeveer 5 miljoen inwoners, en naar schatting 1,2 miljoen boten. Dit heeft niet enkel te maken met het vele water, maar ook met de rijkdom van het land. Sinds Noorwegen een olieproducent is geworden kent de economie grote groei. De goede kant is dat er veel geïnvesteerd wordt in sociale voorzieningen en cultuur, de minder goede kant is dat er steeds meer wegen, auto’s, boten, supermarkten en andere voetafdrukverhogende consumptie is.

Wat de olie-industrie betreft, onderweg zie je vanop de boot heel van dergelijke boorplatformen. De grote winsten die gemaakt worden in de olie en gasindustrie maken dat er weinigen redenen zijn om deze fossiele brandstoffen onder de zeebodem te laten zitten. IMG_0857

En dat is dan weer jammer als je ziet welke prachtige natuur er in de Scandinavische landen nog te vinden is. De fjorden en meren, de bossen met rendieren, elanden, lynxen en herten, de zeehonden, zeearenden en talrijke vogelsoorten. De voorbije week heb ik toch enkele keren gevoeld hoe belangrijk dit alles is, en hoe sterk wij allemaal afhankelijk zijn van de natuur die we ondertussen bedreigen.

Morgen wat meer over de interessante ontmoetingen en uitstapjes. Ik ga me nu eerst wat bezighouden met honderden mails en een paar machines was die moeten gedaan worden…

bij de TankBank


Het college van burgemeester en schepenen van de Stad Gent heeft het genoegen u uit te nodigen tot de ontvangst van de deelnemers aan de 10de editie van Tank Bank, een bijeenkomst van commerciële en logistieke managers uit de olie- en chemische industrie.

Als zo een uitnodiging in mijn mailbox valt, dan gaat bij mij toch een belletje rinkelen. Is dit geen prima gelegenheid om te protesteren tegen mogelijke olieboringen op de Noordpool? Zal ik op deze ontvangst binnenkomen besmeurd met olie om zo aandacht te vragen voor het trieste lot der zeedieren? Is een klein aanslagje hier niet de oplossing om de sector van fossiele brandstoffen op de knieën te krijgen? (Voor de duidelijkheid en de CIA agenten die deze post misschien lezen: ik heb deze acties natuurlijk nooit ernstig overwogen)

Gebruik makend van mijn statuut als raadslid kon het natuurlijk geen kwaad om eens langs te gaan. Bij aankomst bleek al meteen dat het niet echt om een groot evenement ging. Een internationaal gezelschap van een dertigtal mensen die er niet anders uit zien dan bij een receptie van pakweg de Gentse middenstand of een jubilerende judoclub (geen black-ties gezien dus). Toen ik wat ging polsen waarover het precies ging wist personeel van de stad me te melden dat het gaat om mensen die actief zijn in de opslag van fossiele brandstoffen. Geen olieproducenten dus.

olievogelIk ben dan maar gaan aanschuiven bij een tafeltje congresdeelnemers en lanceerde na een korte voorstelling meteen mijn meest prangende vraag “what do you think about peakoil?”. Grote stilte aan het receptietafeltje gevuld met spekjes en selderijstengels. ‘Peak what?’ De 3 mannen en een vrouw keken elkaar onbegrijpend aan en vroeger zich wellicht af wie ik in godsnaam wel was. Maar niemand wist waarover ik het had, zelfs niet toen ik probeerde het uit te leggen.

Gelukkig was het toen tijd voor de speech van Elke Decruynaere (die een schitterend stukje schreef over dit evenement), toen ze een link legde met het klimaat vreesde ik al dat ze over peakoil zou beginnen, maar dat deed ze niet. Wel ging ze in op het belang van duurzaamheid voor de stad en de kritische blik die we daarbij hanteren als het gaat over biobrandstoffen. Ze maakte handig gebruik van de gelegenheid om de nodige groene accenten te leggen. Verder heette ze de congressisten hartelijk welkom in deze mooie stad en wenste ze nog veel plezier. Toen kreeg Tony Quinn het woord, de grote baas van Tankbank.

Na zijn speech ben ik op mijn stoute schoenen (neenee geen sandalen) naar de man toegestapt. Die wist wel wat peakoil was, en vertelde me dat er zelfs een presentatie was over gegeven op het congres. Hij verzekerde me dat zijn club zeer bezorgd is over klimaatverandering, al wordt er ook veel onzin verteld. Want ja, hoe kan je nu van opwarming spreken met dit weer (joviale lach). Ik wou ook zijn opinie weten over de olieprijzen, de beleggers onder mijn lezers kunnen er maar wel bij varen. Hij gaat ervan uit dat ze nog een jaartje laag zullen blijven, en dan naar een stabiele 120 euro per vat zullen gaan. Dat weten dan ook weer.

Tony – want zo mag ik hem ondertussen noemen – gaf me ook zijn kaartje. Ik mag altijd mailen of langskomen (hij woont in Singapore) als ik nog vragen of opmerkingen heb. De presentatie ging hij me ook laten bezorgen. Ik vermoed niet dat hierdoor een liter olie minder zal worden opgepompt maar ik hou het visitekaartje van Tony toch goed bij. Wie weet komt het nog van pas.

steeds meer veggie


Alweer een tijdje geleden dat ik het hier over vlees had. En wat de vleesconsumptie betreft is de mentaliteitswijziging toch ingezet. Er zijn trouwens redenen genoeg om het met wat minder vlees te doen. Een nieuw onderzoek wijst er nog eens op dat mensen die kiezen voor vegetarisch iets langer en gezonder leven. Dit effect blijkt vooral te spelen bij mannen, en het is juist die bevolkingsgroep die nog wel wat last heeft om de vleesconsumptie te minderen.

Gent doet ondertussen zijn titel als veggiehoofdstad alle eer aan. Recent is er een nieuw catering bedrijf van start gegaan met een innerkitchenopmerkelijke insteek: veggie en yoga. Wat mij betreft een concept dat past in het voortschrijdend inzicht dat onze gezondheid niet enkel te maken heeft met wat we eten, maar ook met wat we denken en hoeveel stress we in ons hoofd opstapelen. Een korte meditatie tussen twee veggie-gangen zou wel eens een positief effect kunnen hebben. Innerkitchen is de passende naam van het bedrijfje. Waar zo’n initiatief 10 jaar geleden misschien als ‘iets voor hippies’ zou worden omschreven is zo’n concept nu gewoon ‘hip’.

Morgen is het ook feest bij Eva, de organisatie achter Donderdag Veggiedag. In de Dampoortstraat gaat het allereerste Veggiehuis van het land open.  Het is een plek waar het grote publiek welkom is voor alle mogelijke vragen over plantaardig eten. Er is een uitgebreide bibliotheek, je kan er kookboeken aanschaffen en informatie en brochures meenemen. Het huis wordt ook een plek waar creatieve mensen nieuwe ideeën kunnen uitproberen. Er is een keuken en kleine restaurantruimte voorzien om jonge koks en ondernemers de kans te geven om de plantaardige toekomst mee vorm te geven.

Alsof het nog niet genoeg is, enkele weken terug was ik te gast bij een ‘probeersessie’ voor nog een nieuw veelbelovend veggie restaurant dat in het najaar de deuren zal openen. Liefhebbers van authentieke, fairtrade en biologische olijfolie kunnen dan weer terecht bij www.anticosapore.be. Naast de online shop kan je in hun winkeltje terecht op zaterdagvoormiddag (Dendermondsesteenweg 140).  En aangezien wie kiest voor minder vlees wellicht ook interesse heeft in bio, we zitten midden in de bio-week, de moeite om eens te kijken naar de activiteiten.

Hoe vreselijk het mondiaal voedselsysteem ook mag zijn, er wordt flink getimmerd aan de alternatieven. Neem je vork en doe mee!